Het middelpunt van het heelal – Lucas 2: 1-7

De tijd tikt langzaam weg.
Met een zekere spanning wachten we de persconferentie van vanavond af.
Welke maatregelen zullen ons leven de komende weken gaan bepalen? Kunnen we gewoon Sinterklaas en Kerst vieren?

Stel je die restauranteigenaar voor. Nog maar net weer open, al is het al weer minder dan het was. Ook net weer met een volledige en grotendeels nieuwe staf van bedienend personeel. Na de vorige lockdown had hij zijn ervaren personeel moeten laten gaan. Nu weer? Toen moest hij helemaal dicht en nu dan?
Of die werker in de zorg die het nu al bijna niet meer volhoudt onder de werkdruk. Zullen ze nu eens effectieve maatregelen nemen, denkt zij, eindelijk. En dan niet halfslachtig maar stevige, zinnige, maatregelen die werkelijk effect hebben.
Of de minister die moet kiezen. Ja hij móet kiezen. Zal hij voor het minste kwaad kiezen? Maar wat is dat dan? Is dat wat zijn politieke carrière het minst beschadigt, wat het partijbelang is of wat de volksgezondheid werkelijk zal helpen. Zal hij draagvlak vinden voor zijn beleid of zullen er weer rellen losbarsten. Kan hij het eigenlijk wel goed doen?
We voelen ons vaak pionnen in het spel dat een ander speelt. Maar wie is die speler eigenlijk:
COVID, de publieke opinie, het OMT, de regering… Of zijn we allemaal pionnen?

De tijd dat onze overheid zich het centrum van de macht voelde, is nu wel voorbij. Ze zijn ook slachtoffers van de maatregelen die ze zelf moeten nemen. De gevolgen zijn voor hen alleen anders. Ambtenaar was ooit een gerespecteerde en stabiele functie die veel zekerheid bood.
Nu krijg je de gevolgen van het regeringsbeleid als stenen om je oren. Of wordt je het mikpunt van anonieme scheldkanonnades, ja zelfs bedreigingen, op de sociale media. Als uitvoerder van het regeringsbeleid loopt je leven gevaar.

Wat kun je je machteloos voelen als je je levenswerk bedreigd ziet door de maatregelen van anderen. En eenzaam als je weer een serie beperkingen op je af ziet komen. Zijn we niet allemaal pionnen in het spel van een ander, maar wie is de speler?

Dezelfde vraag kun je stellen in de tijd van Jozef en zijn hoogzwangere Maria. Zijn zij maar pionnen in het spel van een machtige speler of moet je dit toch anders zien?

Geplaatst in Preken | Tags: , , , , , | Een reactie plaatsen

Anders! – week 47

Op het moment dat ik dit schrijf wachten we op een persconferentie waar het antwoord moet komen op de vraag: ‘hoe nu verder?’ De geruchtenmachine draait alweer op volle toeren, maar niemand weet er deze keer het fijne van. Er komen verdere beperkingen aan, maar welke? En wat gaan ze voor ons betekenen?

Dat typeert ook de afgelopen week voor ons als gemeente en kerkenraad. We hadden het op de vergadering over de diensten in het kerstweekend. Sommige kerkenraads- en gemeente-leden waren behoorlijk teleurgesteld dat er op de Kerstdag zelf geen dienst zal zijn. Tja, begrijpelijk. Beelden van vroegere, feestelijke kerstdiensten en kinderkerstfeesten komen in deze weken weer voorbij. Toch maar doen dan? Nou, als je erover door gaat praten met elkaar, dan merk je dat er zoveel beperkingen zijn -en misschien nog meer zullen volgen!- dat het vrijwel zeker is dat het nooit zulke feestelijke kerstdiensten zullen worden als wij voor ogen hebben. Immers stel je een kerstdienst voor waarin hoogstens 45 gemeenteleden aanwezig kunnen zijn, hen gevraagd wordt ingehouden te zingen, koffiedrinken wellicht ook niet verstandig is en het grootste deel van de gemeente (hopelijk) zit mee te kijken. En wat mooi klinkt in de kerkzaal, klinkt thuis lang zo mooi niet. Kortom, het zou een heel andere dienst zijn. Toch maar niet doen, dus.

En het voelt ook wel gek om op zondag (Tweede Kerstdag) geen dienst te hebben. En omdat daar hetzelfde voor geldt, zul je zien dat er daar bijna geen bezoekers zijn, zowel ‘onplace’ als ‘online’. Twee diensten vlak achter elkaar voelen tegenwoordig -ook zonder COVID- al gauw als teveel gevraagd. We dragen de diensten niet meer zo met elkaar als eerder, want we gaan nu eenmaal heel anders met kerkdiensten om tegenwoordig. 
Realiseer je dat  de muziekteams, de technische teams en de predikant er wel twee dagen (met voorbereiding veel langer) druk mee zijn en het niet denkbeeldig is dat ze er maar een klein deel van de gemeente mee bereiken. Dat kost heel veel energie.

We hadden het ook over de ambtsdragersverkiezingen. Blij waren we dat Dorith en Klaas erbij komen als aspirant jeugdouderling en diaken. En toch ook behoorlijk teleurgesteld dat anderen de ruimte niet voelden om als ouderling onze kerkenraad te komen versterken en de opengevallen plaatsen te vullen. Terwijl zij toch al een beetje de laatste mogelijkheden zijn die we nu zien, toch niet dus.

Wat leert ons deze periode -incl. de beperkingen door COVID- nu? Wil de Heer ons iets leren? Ik denk het wel, maar wat dan? Gemeenteleden die ik nu ontmoet, vraag ik daarvoor te bidden en ik vraag jullie dit ook te doen. Laten we de Heer de vraag maar stellen: ‘hoe wilt U dat we in deze periode gemeente zijn? Wat wilt U ons laten zien?’

Intussen ontstaan er toch mooie andere ideeën. Het zou deze Kerst wel eens een ander soort ontmoeting kunnen worden: meer online en anders van inhoud. De komende week gaan daar al mensen over nadenken.
En verder zou het best eens kunnen dat er op Kerstavond een samenkomst is voor jong en oud met een heel verrassend karakter. Korter, anders, maar wel feestelijk.

Zo was onze vergadering afgelopen dinsdag er een van uitersten: waar sommige deuren dicht gingen, gingen er verrassend andere open.

Komende zondag is het de eerste Adventszondag. Dat helpt toch wel wat we nu meemaken in een ander perspectief te zien! Immers, gezien vanuit de terugkomst van onze Heer is er veel moois dat ons nog te wachten staat en dat steeds dichterbij komt. Ik wens jullie dan ook een goede en inspirerende adventstijd.

Geplaatst in NGK Ermelo | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

‘Waarheid?’ 21-11-’21

Vreemd leeg loop je de begraafplaats af.
Het was een opluchting dat aan dit lijdende leven een einde kwam. Maar net, nu op de drempel van begraafplaats en samenleving, voel je sterker dan ooit eerder dat je daar iemand achtergelaten hebt. Twijfel sijpelt naar binnen: ‘stel je voor dat er verder niets is? Dat dit het einde is!’
Verder op straat kom je middenin een anti-covid demonstratie terecht. Op de borden lees teksten die tegen zijn en twijfel zaaien. Twijfel over de ziekte, twijfel over de maatregelen, twijfel over goede bedoelingen, twijfel over regeringen en twijfel over vooraanstaande wereldburgers. 
Wat is waarheid? Is er een mens die je dat kan vertellen?

Maar de bijbel zegt toch duidelijk… . Ja wat eigenlijk? De één zegt dit en de ander dat. Wat is waarheid?

Afgelopen zondag was het eeuwigheidszondag, maar wie zegt eigenlijk dat er een eeuwigheid zal zijn? Nou dat staat toch in de Bijbel? Maar lezen we wel goed wat daar eigenlijk staat? Er zijn zoveel verschillende meningen over wat de bijbel ons in deze tijd te zeggen heeft.

Halen we niet allemaal onze eigen waarheid uit de Bijbel. Wat is dé waarheid eigenlijk?

Is een waarheid die je a.h.w. zo duidelijk als een stad aan de horizon kunt zien liggen? Een waarheid die meer is dan een mening? Ja, ik denk dat die er is! Een waarheid die echt zo stevig is als de grond waarop je staat. Grond onder je voeten!
De dienst is nog terug zien. (lezing en preek beginnen op 36:44) Terugluisteren kan ook

Geplaatst in Preken | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

Tegenstellingen – week 46

Doen we weer een stap terug in de tijd? 
Op het eerste gezicht krijg je die indruk wel. Het aantal besmettingen loopt nog steeds op en de ziekenhuizen vrezen voor ‘code zwart’. 
En toch wie zijn oor te luisteren legt bij de zorgmedewerkers in onze gemeente, krijgt een wat genuanceerder beeld. Ja, de druk op de ziekenhuizen is groot, maar dat komt ook door het personeelstekort dat ontstaat, omdat nu veel zorgpersoneel besmet en ziek is. De verpleegtehuizen liggen vol en ook de reguliere ziekenhuispatiënten kunnen niet uitgeplaatst worden naar die tehuizen. Vandaar dat de druk op de verpleging hoog is. En ook, dat is de algemene indruk, dat de mensen nu minder ziek zijn en vaker herstellen van COVID-19 dan eerder. Er is dus wel iets veranderd, juist dankzij de vaccinaties!

Helaas is er ook iets anders veranderd: het onderlinge wantrouwen is enorm toegenomen. Je merkt dat in de politiek, in de pers, op de sociale media en ook onder christenen. Sommige christenen wantrouwen de overheid (wereldwijd) enorm en vermoeden een complot, waarin sprake is van misdadige misleiding. Het oordeel over de overheid is scherp en niets ontziend. Discussies zijn fel en verdelen mensen in partijen, ook de christenen.
Opvallend is dat het wantrouwen vooral gevoed wordt door een onderbuikgevoel en niet door echte feiten. Er worden wel allerlei ‘feiten’ aangevoerd, maar die behoren steeds tot de ‘alternatieve feiten’ die uit onduidelijke bronnen afkomstig zijn. 

Niemand mag gedwongen worden tot vaccinatie! Maar dat gebeurt ook niet! Dat recht is veilig bij de overheid en bij de meerderheid van de politieke partijen. Ook als je je niet laat vaccineren, kun je al het levensnoodzakelijke blijven doen. Men vraagt je alleen de consequenties van die keuze te aanvaarden: delen van de samenleving zijn tijdelijk niet of moeilijker toegankelijk voor je. Dat is alles, verder wordt je geen strobreed in de weg gelegd.

“Oordeel niet over anderen…”, zegt Jezus (Mat. 7, 1 e.v.), zijn gebed is dat wij één zijn en die eenheid aan onze omgeving laten zien (Joh. 17,23), Paulus roept ons op het gezag van de overheid te accepteren, ze is immers door God gegeven (Rom. 13,1 e.v.) en Petrus roept ons op: “Eer alle mensen, heb de gemeenteleden lief, heb ontzag voor God en eer de koning (1 Pet. 2, 17).”
Broers en zussen het zijn lastige tijden. Laten we er voor zorgen dat we niet verdeeld raken en een verbrokkeld en verward beeld van onze Heer afgeven. Christenen zouden niet bekend moeten zijn door ‘alternatieve feiten’ en door hun scherpe oordeel, maar door hun eensgezindheid, hun liefde en zorg voor de naaste en hun gebed. Dat is onze taak, het oordeel komt God toe. Laten we eensgezind blijven! We hebben een naam hoog te houden!

Geplaatst in NGK Ermelo | Tags: , , , | 2 reacties

Brief namens God, Openbaring 1

Op zondagavond 10 oktober jl. preekte ds. Paul Visser in Middelburg over het visioen in Openbaring 13: ‘Toen zag ik een tweede beest, dat opkwam uit de aarde. Het had twee horens, net als een lam en het sprak als een draak.’ De preek trok grote aandacht en is op Youtube al meer dan 289.000 keer bekeken. Fotomodel en corona-scepticus Doutzen Kroes (6,9 miljoen volgers op Instagram) en Thierry Baudet (263.000 volgers op Twitter), deelden een verwijzing naar de preek. Dat zal met de meeste preken niet gebeuren.

Ds. Visser betrok dit op de gebeurtenissen van nu en gebruikte termen en argumenten die men nu ook in bepaalde complottheorieën kan horen. Hij wekte de indruk daarmee in te stemmen. Een aantal citaten:

“Ik ontdekte bij het lezen meerdere verbanden tussen het visioen en wat er nu gaande is. Niet tot op de punt en komma, van ‘zo zit het en zo gaat het’. Daar ben ik huiverig voor. Maar het visioen is ons wel gegeven om licht te laten schijnen over de tijd waarin wij leven. Het laat zien dat ontwikkelingen in een bepaald verband kunnen staan en soms groter zijn dan wij op het eerste gezicht vermoeden.”

“The Great Reset is iets heel moois, maar ook iets afschuwelijks. Al je vrijheid kwijt en overgeleverd aan een systeem dat moet zorgen voor jouw geluk en je dus ook doodongelukkig kan maken als je niet meer past binnen het systeem. Dan gaat jouw stekker eruit en word je uitgeplugd. En dan?”

“Het zou kunnen – ik zeg niet dat het zo is – dat het hele gebeuren rond dat covid bewezen heeft dat wij te besturen zijn. Heel makkelijk, beetje bang maken met een virus dat net ietsjes gevaarlijker is dan een gewoon griepvirus, en zie daar.”

Dat zijn alarmerende woorden. Wat betekenen ze voor ons, waar hebben we ons op voor te bereiden?

We beginnen deze zondag aan een serietje van twee preken over Openbaring. Brengt ons dat in aanraking met dezelfde thema’s? Wie Openbaring begint te lezen, zoals wij gaan doen, ziet dat het ‘boek’ begint als een brief van Johannes namens God.

Als wij die brief nu eens zouden herschrijven in beelden die passen bij onze tijd, hoe zou die ons dan in de oren kunnen klinken?

Brief aan de gemeente van Ermelo-Harderwijk en Putten.

Van Wieb Dijksterhuis aan de NGK van EHP

Lieve broers en zussen in Christus,

Deze Openbaring is bepaald geen openbaring voor ons.
Voor ons zijn die teksten vaak maar raadselachtige profetische beelden,
die heel veel discussie oproepen.
Op het eerste gezicht lijken ze niet veel duidelijkheid te geven.
Dat heeft meerdere redenen:
Het is een profetie en profetische beelden hebben altijd iets raadselachtigs.
Ze zijn in eerste instantie beschreven voor mensen in een heel andere tijd en cultuur.
Bovendien wordt er van uitgegaan dat je het Oude Testament zo ongeveer spellen kunt.
Er zitten alleen al in dit eerste stukje ontzettend veel verwijzingen naar dat O.T.
In een beetje studiebijbel vullen deze verwijzingen soms een halve bladzijde van een blad gewone tekst.
Veel van wat in die tijd, in die cultuur en met die voorkennis duidelijke taal sprak,
ontgaat ons in eerste instantie. Dus vaak kunnen we er niet zoveel mee of komen we tot heel verschillende inzichten. Daarover krijgen we dan weer enorme discussies.
Vandaar dat het boek Openbaring nogal wat polarisatie onder christenen geeft.
Ja, soms tot felle tegenstellingen leidt.

Lieve broer en lieve zus, beste gepolariseerde broers en zussen,
dat is nu net niet de bedoeling van deze brief, lees maar.
Deze ‘openbaring’ is bedoeld om duidelijkheid te geven, zodat christenen weten waar ze aan toe zijn.
Het gaat hier over het woord van God, en Jezus de Messias is er getuige van.
en via de ogen van Johannes zijn wij er op onze beurt weer getuige van.
Deze openbaring is juist bedoeld om ons gelukkig te maken.
Als je je bezig houdt met deze profetische brief, wordt je daar gelukkig van,
schrijft Johannes. We zijn geluksvogels, zowel Herman die het voorlas, als wij die er naar luisteren.

Dat is gek!
Dit is precies het tegenovergestelde van hoe wij het vaak opvatten.
Johannes waarschuwt hier niet voor een moeilijke laatste periode op aarde!
Johannes troost ons hier: rustig maar de moeilijke tijd is bijna voorbij.
Ja van zo’n boodschap wordt je wel gelukkig.

Christenen in die tijd begrepen dat heel goed.
Die dachten niet dat er binnenkort wel moeilijkheden zouden kunnen komen,
ze zaten daar al midden in.
Net in de periode waarin deze brief verstuurd wordt,
hebben ze veel te lijden van wereldleiders in die tijd.
Bepaalde Romeinse keizers maken het de christenen in hun tijd heel moeilijk (9)
Je zou er ontmoedigd van raken, zo werden christenen dwarsgezeten
Ook Johannes een van de christelijke leiders, zat hier waarschijnlijk gevangen op Patmos.
Maar, schrijft Johannes zelf, gelukkig, het is bijna voorbij.

Lieve broer en lieve zus,
Ook in onze tijd kun je flink ontmoedigd raken.
Christenen in de landen om ons heen hebben het moeilijk.
En als we een organisatie als Open Doors mogen geloven, nemen de moeilijkheden enorm toe de laatste tijd.

Friedesstimme, de organisatie die vandaag het doel van onze collecte is,
vertelt ons dat de Russische christenen die zij ondersteunen,
het ook nogal eens hard te verduren hebben.

Wij kennen zulke moeilijkheden niet in ons land,
maar wel het gevoel dat God er voor veel van onze landgenoten niet mee zo toe doet.
Dat je als christen vreemd aangekeken wordt op je overtuiging, alsof je niet helemaal normaal bent als je nog in Christus geloofd. Een hele groep christenen in Nederland houden dat niet langer vol.
Ze willen liever voor normaal aangezien worden en laten kerk en hun geloof achter zich
of houden het maar voor zichzelf. En als ze eenmaal kinderen krijgen, vinden ze het lastig hun kinderen een gelovige opvoeding te geven. Immers die zullen er erop aangekeken worden alsof het wappies zijn.

Lieve broer en lieve zus,
Gelukkig zul je zijn!
Wees niet ontmoedigd.
Dat is nu bijna voorbij.
Het Koninkrijk van God is al aan het komen,
en heel binnenkort is het voltooid.
Gelukkig zul je zijn.

Beste broer, beste zus.
Op dit punt in deze brief aangekomen denk je misschien:
die dominee van ons kan wel mooi brieven schrijven.
Maar hij lijkt zelf ook wel een wappie.
Er klopt toch helemaal niets van wat hij schrijft!
Koninkrijk…, bij de G20 heeft Jezus helemaal niets te vertellen hoor.
Daar draait het om Biden, Merkel, Macron, Poetin en Xi Jinping en zo.
De naam van Jezus klinkt hun in hun kringen vaak niet of alleen maar als vloek.

Lieve broers en zussen,
Ik begrijp jullie wel. Als je zo het nieuws van de wereldleiders, wetenschappers en technici om je heen hoort, komt Jezus daar helemaal niet in voor en speelt hij geen enkele rol.

En toch is ‘Hij die niet genoemd wordt’ de werkelijke leider van de wereld.
Vrede hoeven we van onze wereldleiders niet te verwachten.
Zelfs zij die dit proberen dichter bij te brengen, lukt het gewoon niet.
Er is altijd wel weer iets of iemand die de wereldvrede verstoort.
Een heel aantal medemensen zijn ook niet met vrede maar met macht bezig.
En intussen zijn de mensen hopeloos verdeeld.
Niet alleen in een continent als Afrika, dat steeds weer door nieuwe oorlogen verscheurd wordt, maar ook in rijke landen als de VS en in Nederland zijn de mensen volkomen verdeeld.
Kijk alleen maar naar de kabinetsformatie, in al het geruzie duurt die nu al maanden.
In veel opzichten staat onze landgenoten scherp tegenover elkaar.

En toch bestuurt ‘Hij die niet genoemd wordt’ onze wereld.
Hij kan wél vrede brengen, zowel tussen landen en tussen mensen als in onze harten.
Want Hij is genadig.
Hij is geen slachtoffer, de dood heeft geen macht over Hem.
En wij zijn ook geen slachtoffers meer: we zullen nog sterven,
maar de dood heeft geen macht meer over ons.
Jezus werd het eerst opnieuw geboren uit de dood, als eerste van ons allemaal.
We zullen ook opnieuw geboren zijn.
In onze woorden zouden we wat Johannes hier schrijft zo weergeven:
Jezus, Hij die niet genoemd wordt, is de werkelijke wereldleider (5)
De leider van alle wereldleiders.

Lieve broers en lieve zussen,
Hij die niet genoemd wordt geeft ons op deze wereld een eervolle taak:
we zijn net zoals Hij dat is priesters, priesters voor God en onze medemensen.
Wij mogen hen in contact brengen met genade en vrede,
niet alleen door onze woorden, maar juist ook door onze daden.
Wij mogen voorop gaan in het maken van het verschil in deze wereld.
Hij geeft ons de mogelijkheden en de macht in zijn voetspoor te gaan:
mensen te zijn zonder bedrog, die de sfeer niet slechter maken door terug te schelden,
maar die vicieuze cirkel te doorbreken met een vriendelijke reactie.
We behandelen mensen met respect en wijzen zo de weg naar de vrede.
Dat is een eervolle taak (1 Pet. 2, 11-25)
We mogen het voorbeeld geven van hoe goed het leven in het Koninkrijk is.
Onze Heer, de werkelijke leider van de wereld, staat daar vierkant achter.
Hij zal onze schamele pogingen op een hoger niveau brengen.
Totdat alleen het Koninkrijk er nog is: als het land waar mensen echt gelukkig zijn:
een echte heilstaat.

Hij die er bij het begin van deze wereld al bij was,
en die op het punt staat weer lijfelijk op deze wereld terug te komen is nu in zijn Geest in ons midden.
Hij maakt van ons een geestelijke tempel.
En tilt ons werk aan de tempel en in de tempel, als priesters, op het niveau van zijn Koninkrijk.

Lieve broer, lieve zus.
Als corona je ontmoedigt en de vraag in je oproept of het ooit nog weer goedkomt.
Als onze samenleving je het gevoel geeft dat je overtuigingen en je levensstijl achterhaald zijn.
Als de brutalen nog altijd de halve wereld bezitten.
En als de sterkste kan bepalen wat recht is.
En als de rijkste aan het langste eind trekt.
Als de vrede maar niet wil komen.
En als je jezelf nog steeds tegenvalt.

Houdt moed.
Gelukkig ben je, en gelukkig zul je zijn.
Je bent priester in Gods tempel,
priester voor je medemens.
En je Heer staat op het punt terug te komen.
Houdt moed.

Werd getekend,

Wieb Dijksterhuis, jullie dienaar,

De brief is hier te beluisteren, en hier met beeld.

Geplaatst in Preken | Tags: , , , , | Een reactie plaatsen

Masterclass – Nehemia 7, 72 – 8, 12

Simchat Torah 2021

Deze zondag sluiten we de preken over de periode van na de ballingschap van af. Na teruggekeerd te zijn in een verwoest Jeruzalem, maar met grote beloften voor de toekomst (Ezra 1 & 3) weten de ex-ballingen eerst niet waar ze moeten beginnen, de tegenwerking is enorm (Haggai 1), de profeet roept hen op bij God te beginnen en de tempel weer ook te bouwen. Na twintig jaar lijken dit toch wel grote plannen te zijn, nog steeds zijn ze niet verder dan het fundament van de tempel. Zacharia vertelt hen namens de Heer dat wat voor mensen onmogelijk lijkt voor Hem niet onmogelijk is. En nu alles herbouwd is wordt het volk weer opgeroepen samen te komen. Die bijeenkomst bracht me tot de volgende dagdroom:

Die zondagmorgen gaat de dominee als eerste de kerk uit: dansend en springend met een Bijbel in zijn armen. De kerkenraad danst in polonaise achter hem aan en dan sluit de rest van de gemeente zich bij hen aan: een lange sliert gemeenteleden die de Van Beekweg opslingeren. Ze scanderen leuzen als: ‘Groot is God!’ en ‘Kom kerk, kom op…’. De ruiten van de kerk rinkelen ervan. De ouderen en de anderen die niet mee kunnen komen staan enthousiast te klappen langs de kant. En dan zet een van jongeren ‘Grote God wij loven U’ in. Zijn stem slaat bijna over, zo hard zingt hij. Iedereen valt enthousiast in… In de Van Beekweg staan bewoners verbaasd achter de ramen te kijken hoe die hele sliert kerkgangers naar de muziektempel danst. Gelukkig dat die kerkdienst niet meer zo vroeg begint, dan zouden ze er nog wakker van geworden zijn. Sommige kerkgangers steken rookfakkels aan en zwaaien met bengaals vuur, andere schieten confetti kanonnen af en weer een ander slaat het ritme op een grote trom…
Vanuit de Pastorieweg voegen zich uit de richting van de Hervormde gemeente anderen bij hen. En uit nog veel meer richtingen slingeren zich groepen kerkgangers naar de muziektempel op het Weitje. Daar staat inmiddels een kolkende massa kerkleden: er wordt met Bijbels gezwaaid, ‘Hosanna’ gezongen en gejuicht.

Wat roept dit bij je op? Vind je dit een onwerkelijke droom, misschien zelfs wel een nachtmerrie? Toch loopt de samenkomst die beschreven wordt in de tekst van deze zondag op zo’n soort feest uit. Een feest dat hun nakomelingen tot op de dag van vandaag vieren.

De voorlezing van de wet van Mozes (de Torah) aan het verzamelde volk van God, zoals we die beschreven zien in Nehemia 8, duurde in iedere geval zes uur (!). We krijgen de indruk dat de mensen al die tijd staande en aandachtig hebben geluisterd. Zelfs al kan dat niet de hele Torah zijn geweest, het was genoeg om de mensen in rep en roer te brengen. Na het horen van (een deel van) de wet barsten zij in huilen uit. Is het omdat de inhoud confronterend op hen overkomt?

Maar het wordt hen door Ezra en de Levieten niet toegestaan om te treuren. Integendeel ze worden dringend opgeroepen deze dag feest te vieren. Hoe kan men zo reageren op een wet die voor ons toch ook heel vaak confronterend is? Het is maar hoe je de bedoeling van de wet ziet, ja nog meer hoe je de bedoeling van God achter die wet ziet. Tot op de dag van vandaag viert men binnen het Joodse volk een jaarlijks feest rondom de wet dat Simchat Torah (vreugde der wet) heet. Dat feest is een heel uitbundig feest waarin de anders zo met eerbied behandelde Torah-rollen in een optocht dansend en springend meegedragen wordt. Iedereen doet mee en geeft zich helemaal over aan het feest. Kunnen wij hier een voorbeeld aan nemen?

Simchat Torah


De preek is hier nog eens te beluisteren en ook nog te zien (lezing en preek vanaf 31:00).

Geplaatst in Preken | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

“Grote plannen!” Zacharia 8

“Grote plannen!” Als wij deze woorden uitspreken zit daar al iets van ongeloof in. We horen wat iemand zegt, maar we zien niet hoe hij het wil realiseren. Waarschijnlijk blijft het bij -inderdaad- grote plannen.

Sommige idealen hebben iets van een mooie droom, maar -denken we dan- daar zal het ook wel bij blijven. Dat geldt zeker voor de realisten onder ons; zij zien het gewoon niet gebeuren. Ze wegen alle belangrijke factoren: de beschikbare tijd, de hoeveelheid motivatie, de benodigde fondsen en de vereiste menskracht en komen dan tot de conclusie: ‘dat gaat niet gebeuren!’

“Grote plannen!” In de kerk hebben we die soms ook. En die houden ook lang iets van mooie dromen. Jongeren hebben die nog, maar de meer ervaren kerkleden denken inmiddels wel te weten wat er van terecht komt. Ze wegen alle belangrijke factoren: de beschikbare tijd, de hoeveelheid motivatie, de benodigde fondsen en de vereiste menskracht en komen dan tot de conclusie: ‘dat gaat niet gebeuren.’ ‘Helemaal in deze periode, nu Corona er nog volop is, moeten we niet teveel willen, laten we eerst maar eens zien hoe we er na Corona voorstaan.’

Is dit nu realistische wijsheid geboren uit levenservaring of gewoon gebrek aan geloof? Wat denken jullie? Wat hebben we in de kerk eigenlijk het meest nodig? Realistische wijsheid of grenzeloos geloof?

De antwoorden die toen gegeven werden laten wel een zekere aarzeling zien

Het merendeel van de deelnemers aan de enquete koos voor grenzeloos geloof. Vermoedelijk vind men de keuze wel wel scherp. Is het het óf óf? Iets meer nuance mag hier toch ook wel! Dat voel ik helemaal mee en toch!

In de tijd van Zacharia (520 vC), een tijdgenoot van Haggaï, werd van van de teruggekeerde ballingen een groot geloof gevraagd. Twintig jaar na hun terugkeer uit de buurt van Babel waren hun vooruitzichten bepaald slecht. De belofte die hen naar huis bracht was nog steeds een belofte. Ze hadden zichzelf dan weer kunnen settelen in Jeruzalem, maar de muur van de stad lag nog in puin en met de herbouw van de tempel, feestelijk begonnen destijds, was men nog nauwelijks verder gevorderd dan het fundament. Intussen was de tegenwerking enorm en de vijandschap van bevolking van het land groot. Achtergebleven in de periode van de ballingschap zagen zij de teruggekeerden als indringers. Het was misschien wel zoiets als de Palestijnse kwestie van tegenwoordig. Wat was er na twintig jaar nog van het geloof van de repatrianten over?

De profeet Zacharia stelt -na de profeet Haggaï – hun blik weer scherp door hun in opdracht van de Heer opnieuw de belofte voor te houden. Hij schildert in zijn profetie een ongelooflijk beeld dat voor de luisteraars van toen zoiets als de omgekeerde wereld geleken moet hebben. Een realist kreeg maar weinig harde feiten die deze verwachting ondersteunde, er werd alles van zijn geloof gevraagd. Of moet je het anders zien? Is de Almachtige God nu juist het harde feit dat al die beloften keihard maakt, veel meer dan wat wij als ‘harde feiten’ zien?

Op 18 oktober 2021 zijn er voor kerkmensen in Nederland ook weinig ‘harde feiten’ als het om de toekomstverwachting van de kerk na Corona gaat. Of zijn wat wij vaak als harde feiten zien, die nu ook veel zachter dan het werkelijke harde feit van onze verwachting: onze Heer Jezus. En is deze periode nu juist een beproeving van ons geloof?

De dienst is nog eens terug te zien (lezing en preek beginnen op 0:33) en de preek is hier te beluisteren.

De vorige keer ging het over Haggaï’s profetie, de volgende zondag gaat het over een nieuwe kennismaking met de wet van God (Neh. 7:72 – 8:12)

Geplaatst in Preken | Tags: , , , , | Een reactie plaatsen

Beginnen bij… Haggaï 1 1-15 zondag 10 oktober

Gespannen kijkt het publiek beneden toe. Hier en daar hoor je een angstige schreeuw opstijgen. Boven hangt iemand nog maar met één hand aan een zijbalk van een hoogspanningsmast. Hij zwaait heen en weer in de wind, je hoort hem angstig schreeuwen. Beneden staat een hele groep mensen die een zeil strak houden en die hem ook schreeuwend proberen te bewegen los te laten en zich in het zeildoek te laten vallen. Je voelt de spanning in de lucht hangen. Maar hij durft niet en klemt zich met alle kracht die hij nog heeft aan het ijzer vast. In de harde wind zwaait hij gevaarlijk heen en weer en komt steeds dichter bij de hoogspanningskabels: iedere moment kan het fout gaan.

Voor ieder die beneden staat is het duidelijk: ‘laat hij loslaten, dat is zijn enige kans op redding’. Maar voor hem zelf voelt loslaten als het meest tegennatuurlijke wat hij kan doen: hij klemt zich met alle macht en kracht vast alsof zijn leven ervan afhangt.

Stel je voor dat jij daar hing! Zou je zien wat je redding betekent? En als je het ziet, zou je durven doen wat je redding betekent maar wat als je ondergang voelt?
Voor de meeste acties in het leven geldt: “beginnen bij het begin!”. Maar soms is niet zo duidelijk wat het begin is? Of voelt waar je mee zou moeten beginnen juist als tegennatuurlijk aan. Durf je het dan aan?

Haggaï was profeet twintig jaar nadat koning Cyrus van Perzië de Judeese ballingen in zijn rijk weer naar huis stuurde met de opdracht: ‘Herbouw mijn tempel!’ Uit de woorden van Haggaï begrijpen dat na de plechtige ‘eerste steenlegging’ (in dit geval het fundament) en de hervatting van de offerdienst er niet zoveel meer gebeurd was en de tempel nog met name een ruïne was. En dat terwijl de ballingen van toen zich toch wel weer hebben gesetteld. Niet tijdelijk maar definitief, dat kun je zien aan de manier waarop ze hun huizen hebben herbouwd.
De verleiding is groot om zo’n profetie te lezen als aanklacht tegenover de onverschilligheid van het volk. Maar daar doe je hen geen recht mee: zij waren de destijds geïnspireerd om de tempel te herbouwen teruggekeerd terwijl volksgenoten achtergebleven waren. De vraag laat zich wel stellen wat hen dan had belemmerd om die tempel ook werkelijk helemaal te herbouwen en welke consequenties dat voor hun leven had.
Voor ons die nu lijken terug te keren uit onze eigen kleine ballingschap na Corona -wij konden 1,5 jaar niet normaal de kerkdiensten bezoeken, heeft de beantwoording van die vraag wellicht ook nog betekenis!

Hier is de dienst nog eens te beluisteren en/of te zien (de preek begint op 37:24).

Vorige week begonnen we met een dienst met Ezra 1 & 3. Over de terugkeer na ballingschap!
Volgende week gaan we verder met de grote plannen die we horen van de profeet Zacharia in hoofdstuk 8.

Geplaatst in Preken | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

Ezra 1 & 3 – ‘Terug’ -03-10-2021- H. Avondmaal

Na dertig jaar terugverhuizen naar waar je vandaan kwam. Grote kans dat je er niet terugvindt wat je er achtergelaten hebt. Sommige vrienden zijn ook verhuisd en niet teruggekeerd, andere leven niet meer. De buurt is niet langer jouw buurt: er wonen andere mensen en er heerst een andere sfeer. Het centrum van je vroegere woonplaats is door een grote renovatie onherkenbaar veranderd. Veel vertrouwds van vroeger is eenvoudig verdwenen. “Je vindt niet meer terug wat je achtergelaten hebt”, zeggen de migranten die vroeger hun provincie hebben vaak, als hen gevraagd wordt of ze nog eens naar hun geboortestreek terug willen verhuizen.

Stel je voor dat het zeventig jaar geleden is dat je ergens vandaan vertrok! De kans is dan nog veel groter dat er heel veel veranderd is in de plaats waar je vandaan kwam. Helemaal als de aanleiding voor je vertrek een oorlog was. Alleen de nieuwe generatie raakt minder snel teleurgesteld: de toestand is er niet zo als de ouderen hen altijd verteld hebben, maar ze hebben er zelf geen herinnering aan en dus ook andere verwachtingen van. En jong als ze zijn, kijken ze vooral naar de toekomst. 
Teruggaan naar waar je vandaan kwam, kan leuk zijn. Maar hoe langer het geleden is dat je vertrok, des te minder van vroeger zul je er terug vinden.

We lezen Ezra 1:1-6 en 3: 10-13.  Na zeventig jaar mag Israël naar huis! Zullen ze er nog wel terugvinden wat ze er achtergelaten hebben? Immers soms is teruggaan naar huis fijn, maar soms is het ook gewoon te lang geleden. Tjonge, terugkeren na zeventig jaar!

Afgelopen zondag hebben we, na de versoepeling van de coronamaatregelen, een eerste stap op het traject naar het opnieuw openstellen van onze diensten gezet. Er waren weer veel meer mensen in dienst. Wat een mooie ervaring om voor het eerst weer met een grotere groep gemeenteleden samen te komen, samen te zingen en het avondmaal te vieren! Was het fijn! Of was het toch niet zoals vanouds?

Bij ons in de gemeente is er het een en ander veranderd: we zullen niet iedereen terugzien in de diensten, sommigen zijn verhuisd en anderen overleden. En niet alles is meer hetzelfde als anderhalf jaar geleden: de zaal is veranderd, we beginnen de dienst op een later tijdstip, er staan nu zangers op het podium en er is geen middagdienst meer waar je heen kunt gaan. Die veranderingen raken aan de ervaringen van de teruggekeerde Israëlieten in de tijd van Ezra. Wat geeft in beide geschiedenissen een nieuw perspectief?

De preek hier hier nog eens te beluisteren en de dienst kan ook teruggekeken worden (de preek begint op 25 minuten)

De volgende zondag bezien we de herbouw van de tweede tempel via een profetie van Haggaï.

Geplaatst in Preken | Tags: , , , , | Een reactie plaatsen

Startzondag (19-9-’21): ‘de Tegen-stander’

Komende zondag start het kerkelijke seizoen. Natuurlijk zijn we in de zomer gewoon doorgegaan met kerk-zijn, Μaar vanaf zondag gaan we weer voluit. Er zijn nog wat beperkingen, maar we kunnen veel meer dan vorig jaar. De week daarop zullen onze beperkingen naar alle waarschijnlijkheid minimaal zijn. Wat dat betreft is dit een mooie periode van elkaar weerzien en opnieuw, intensiever met elkaar op gaan trekken.

Wat zal het mooi zijn om weer contact te hebben. Afgelopen zondag zaten we met een deel van de wijk Ermelo-Zuid/Oost bij elkaar in ons kerkgebouw. Het was gewoon geweldig om weer bij elkaar te zijn. Lekker eten, leuke gesprekken en goed gezelschap. ‘Wat hebben we dat gemist!’, dachten wij toen we weer thuis waren. 
Ik heb grote verwachtingen van het nieuwe seizoen: we hebben elkaar echt nodig. En we zullen de waarde daarvan ook veel meer ervaren, verwacht ik, nu we elkaar zo lang hebben moeten missen.

Ik denk niet dat de afgelopen periode van de coronamaatregelen een straf van God was. Immers zodra je dat zegt, moet je je af gaan vragen voor wie die straf dan was?
Als die voor de ongelovigen in de wereld was, vraag je je af waarom christenen daar dan ook onder geleden hebben? Dat zou onze God een onrechtvaardige God maken. Dat geloof ik gewoon niet. Als het een straf was, dan voor ons allemaal. Maar waarom zou God dat nu doen: het is nu de periode dat God zijn hand naar ons uitgestrekt houdt.

Toch denk ik wel dat het voor ons een beproeving van God was. Hoe sterk is onze gemeenschap? Wat hebben we er van terechtgebracht in de afgelopen periode. En nu het weer kan, grijpen we elkaar weer vast of laten we nu helemaal los? Hebben we gezien hoe waardevol en belangrijk onze gemeenschap is?
Want die beproeving van God is een verzoeking van satan, onze tegenstander. Hij ziet maar wat graag dat we elkaar nu helemaal loslaten. Immers: verdeel en heers! Eén voor één heeft hij heel wat minder moeite met ons dan als wij elkaar vasthouden.

Vind je dit een wat sombere kijk op ons leven? We zijn toch door Christus verlost en aan een nieuw leven begonnen? Ja! Da’s waar! En toch, is er nog steeds de dreiging van de tegenstander. Die kun je maar beter goed leren kennen (lees openbaring 2 en 3 maar eens).
Ken je dat ook? De druk van die constante tegenstand in ons leven? Laat het dan eens weten op Mentimeter, code 2733 31 87?

Want vooral als het (weer) goed gaat met ons, laat hij zich gelden. Dat kun je goed zien in de geschiedenis van Esther 3 Hoe leren we hem daar eigenlijk kennen en kan hij wel een bedreiging zijn?

Zondag verder. Wees welkom!

Geplaatst in Preken | Tags: , , | Een reactie plaatsen