Verborgen aanwezig (Ex. 2,1-10)

En nu gaan er tanks naar Oekraïne!
Iemand vroeg zich af of er nog een weg terug is.
Voor Poetin, voor ons?
De toon is gezet: één van de twee moet het winnen:
het brute geweld van de dictatuur van Poetin of de waarden van het democratische, vrije Westen.
Is er nog een weg terug?

Op het eerste gezicht niet!

Kon Farao nog terug?
Het volk met een immigratieachtergrond groeide en groeide maar.
Straks zouden er meer Hebreeën dan Egyptenaren zijn!
Om dat te voorkomen waren er ingrijpende maatregelen nodig.
Een immigratiestop zou niet meer helpen: de Hebreeën woonden al in het land.
Als het zo door ging zouden ze steeds meer ruimte nodig hebben.
Farao neemt een afschuwelijke maatregel:
het ruimen van alle pasgeboren Hebreeuwse jongens.
Dit betekent een langzame volkerenmoord.
Nog een generatie en dan zou het volk ophouden te bestaan.
Is er nog toekomst?

Op het eerste gezicht niet!

Deze zondag vertrekken er drie ouderlingen uit de kerkenraad.
Er komt er één voor terug.
Hoe goed de nieuwe voorzitter ook is, hij begint met een achterstand.
Op termijn blijft er zo geen kerkenraad over.
Reden tot zorg: hoe kunnen we zo verder?
En: kunnen de overgebleven ambtsdragers de last nog dragen?

Op het eerste gezicht niet!

Of zou je hier ook anders tegenaan kunnen kijken?
Zondag meer. Tot dan! 10:00 uur Van Beekweg 15.

Geplaatst in Preken | Getagged , , , , | Een reactie plaatsen

Verleden

Ik heb een verleden in de GKv!
Daar kom ik nooit weer van af.
Het bepaalt het beeld dat anderen van me hebben,
zowel binnen de GKv als in de NGK als daarbuiten.
“Jij bent toch die…?”
“Ik hoor dat het nu wel goed met je gaat!”
en allerlei varianten daarop komen nu -na twintig jaar- nog altijd naar me toe.
Aan het vertrek uit de GKv bewaren we geen beste herinneringen.
Erg lastig is het dat er verhalen over je rondgaan, waar je geen enkele invloed op hebt.
Maar ja, zo gaat dat!

Een kerk (ook de NGK) bestaat uit mensen en niets menselijks is ook kerkmensen vreemd. Een collega vertrouwde me eens toe: “je kunt wel zien dat we verlossing nodig hebben!”

Oud-voorzitter
Mijn oud-voorzitter stuurde me een reactie op mijn blogs over verzoening. *) Hij was mijn eerste kerkenraadsvoorzitter in mijn NGK-tijd. We hebben een hele tijd samen opgetrokken en in die periode maak je heel wat met elkaar mee. Hij heeft ook gezien hoe ik in de begintijd worstelde om weer een rol te gaan spelen in het contact met de plaatselijke vrijgemaakte kerk.
In de eerste periode van mijn werk in de NGK had ik de kerkenraad verlof gevraagd (en gekregen) om geen rol te hoeven spelen in de contacten met de plaatselijke GKv. Die waren er in die tijd (2006) al wel.
Hij schreef me nu dat hij denkt dat de beroerde herinneringen aan de tijd van het vertrek uit de GKv wel een grote invloed op mijn gedachten over de fusie zullen hebben. Natuurlijk hebben die invloed! Sinds die tijd zijn mijn idealen over de kerk behoorlijk verflauwd en ben ik schuw voor grote woorden geworden. Dat geldt zeker ook voor de GKv. Als iemand al te idealistisch over ‘onze kerken’ spreekt, heb ik de neiging dat met een korrel zout te nemen. ‘Wacht maar’, denk ik dan, ‘er komt vast weer een andere tijd.’
Een kerk (ook de NGK) bestaat uit mensen en niets menselijks is ook kerkmensen vreemd. Een collega vertrouwde me eens toe: “je kunt wel zien dat we verlossing nodig hebben!”
En dat is natuurlijk zo.

Gemengd lichaam
Augustinus had het al over de kerk als een “gemengd lichaam!” Ze bestaat uit gerechtvaardigden en zondaars en die komen ook nog eens niet zelden bij elkaar in dezelfde persoon. Helaas loop je in de kerk soms zware klappen op, die je des te harder raken omdat je die dààr juist niet verwacht had. Ja die slechte ervaringen hebben veel schade veroorzaakt bij mij maar zeker ook bij ons gezin. Zij konden niets doen, maar het raakte wel hun wereld en hun man/vader. Dat zijn blijvende littekens geworden. Het was me heel veel waard geweest als vooral onze kinderen dat niet hadden hoeven meemaken. Je zou ze daar tegen willen kunnen beschermen, maar dat is ons helaas niet gelukt. Ze zullen de littekens ervan hun leven lang met zich meedragen.

Mijn oud-voorzitter veronderstelt dat ik mijn vertrouwen in de GKv ben kwijtgeraakt. Dat is denk ik wel waar als het gaat om de GKv als instituut, daar heeft hij wel gelijk aan. Ik ben in ieder geval heel wat minder goed van vertrouwen geworden.

met de meeste GKv-broers en zussen leef ik al jaren in vrede.

Vrede
En toch, zo was het ook: “als alle deuren dichtgaan, zet God ergens anders een raam open.”
Zo komt het dat ik nog steeds in de kerk werk en weer op dezelfde positie! Dat had ik nooit verwacht! Wat de Heer daar nu allemaal mee bedoelde, weet ik nu nog steeds niet. Laat ik daar niet teveel over willen zeggen.
In mijn vrijgemaakte periode heb ik ook mooie dingen in de kerk meegemaakt (het is immers een gemengd lichaam) en na die tijd in de NGK ook weer, maar ook minder mooie. In die zin is de NGK niet anders dan andere kerken. Maar omdat de NGK wat opener van karakter is, heb ik sindsdien wel heel veel broers en zussen in Christus van buiten de GKv ontmoet en dat is absoluut een verrijking van mijn leven. Kerkelijke eenheid, maar dan die van alle kerken, is sterker voor me gaan leven.

Ik mag dan zo mijn gedachten over de GKv als instituut en over de typisch vrijgemaakte cultuur hebben, met de meeste GKv-broers en zussen leef ik al jaren in vrede.
In mijn vorige gemeente hebben we met de plaatselijke GKv in 2010 en 2011 twee grote, drukbezochte, gezamenlijke diensten gevierd. Bij die gelegenheid is het tussen mij en de vrijgemaakte broers en zussen wel weer goed gekomen. Ik kon toen de stap naar hen terugzetten.

De laatste jaren is er een hele kolonie GKv-ers lid geworden van onze NGK-gemeente en we hebben het goed samen. We delen niet alleen het geloof in de Heer en zijn Geest, maar ook een achtergrond in de typische, vrijgemaakte cultuur. Wat ik maar wil zeggen: we hebben soms maar weinig woorden nodig. We begrijpen elkaar wel. Nee, plaatselijk staat niets de samenwerking in de weg. Tenminste niet hier en wat mij betreft.
Mijn ‘verleden’ is voor mij nadrukkelijk geen inzet hier, anders had ik dát wel naar voren gebracht. Ik bid nog regelmatig om echte verzoening in die kwestie van toen, maar ik reken daar menselijkerwijs gesproken niet meer op.

Gevoeliger
Dit verleden heeft me wel gevoeliger gemaakt voor grote woorden en voor onrecht. Juist als het gaat over de menselijke kant van de kerk. Roep niet te gauw: ’de Geest heeft ons…’ of: ’de Heer wil dat…’ We spreken dan al gauw boven onze stand. Hoe weten wij zo precies wat de Geest bedoelt of wat de Heer wil als het om onze zaken gaat?
Je zou dan nu ook moeten willen duiden wat de Geest bedoelde en de Heer beoogde toen GKv van toen scheurde. En als je dan weer bedenkt dat ook dat schisma toen weer werd onderbouwd met de wil van God dan zou je daarvan moeten leren liever kleine woorden te gebruiken. En bescheiden blij te zijn. Immers de ‘fusie’ is herstel van wat er eerder kapotgegaan is en op zich geen nieuwe schepping. In die zin is het terugkeren op onze schreden.

Als je dan toch grote woorden voor je rekening wil nemen, dan komt het er op aan dat je in alles de Heer probeert te volgen. Wat men zegt over herstel en verzoening zal ook moet blijken in daadwerkelijk herstel en verzoening. En dan komt het er juist landelijk op aan, want dan spreek je voor iedereen. Wat plaatselijk sneller waar kan zijn nl. we herkennen elkaar als broers en zussen in Christus, laten we de eenheid verzilveren door samen te werken, wordt landelijk pas op een later tijdstip bereikt. Op landelijk niveau spreek je voor iedereen. Dan moet het ook waar zijn wat je zegt. Dat wil zeggen: naar het best van ons menselijke vermogen hebben we geprobeerd de schade die de breuk destijds veroorzaakte te herstellen en hebben we het onrecht dat destijds gedaan is zoveel mogelijk ongedaan gemaakt. En in mijn beleving is dat niet zo.

In ieder geval in mijn omgeving lopen er nog mensen rond naar wie geen verzoenende hand is uitgestrekt. Als je dan zegt dat de ‘breuk hersteld is’ en dat ‘de kerken nu verzoend zijn’ -zoals dat vijf jaar geleden gebeurde- en nu dat ‘we samen feest gaan vieren’ (zij lezen dat ook!), sluit je hen opnieuw buiten, net zoals hun ouders nu meer dan vijftig jaar geleden. En dat waren zeer meelevende kerkleden en dat is in hun ogen dus werkelijk nog altijd onbegrijpelijk. Als kinderen hebben zij onder het onrecht dat hun ouders aangedaan werd geleden en dat heeft diepe littekens veroorzaakt.
Als het woord ‘verzoening’ echt wat waard is, dan zeggen we dat niet eerder over het landelijke verband totdat we in een zorgvuldig proces zoveel mogelijk iedereen bereikt hebben die we nog kunnen bereiken. Dan kunnen ook zij misschien iets van vrede ervaren over het verleden, terwijl wij feestvieren. Anders werkt het spreken over verzoening juist averechts en veroorzaakt het nieuwe schade.

Maar ik vrees dat als je herstel en verzoening zover naar achteren in je prioriteiten plaatst, het voor hen straks helemaal niet meer hoeft.

Verse schade
Toen -nu vijf jaar geleden- het avondmaal door leden van de NGK en GKv samen gevierd werd in het kader van ‘herstel van de breuk’ en ‘de verzoening van de beide kerken’ -zo werd dat toen gezegd, zagen mijn neef en nicht dit op een afstand gebeuren. Want er was wel zoveel ruchtbaarheid aan gegeven dat dit hen ook niet ontgaan was, al zijn ze niet langer NGK-lid.
Niemand van de direct betrokkenen had en heeft ooit een verzoenende hand naar hen uitgestoken: toen niet en nu niet. Het verdriet van hun ouders en dat van hen zelf werd als het ware met één zin: ’de kerken zijn verzoend’ buiten de orde geplaatst. Alsof het allemaal niet gebeurd is! Je zou zelfs kunnen zeggen: alsof ze nooit bestaan hebben. Weer werden ze er buiten gelaten. Hoe pijnlijk kan het zijn! Terwijl het avondmaal gaande was, zag ik hun bittere reactie op Facebook voorbij komen. De littekens waren weer open gegaan, de pijn was weer opnieuw voelbaar. Als men nu het feest van de fusie gaat vieren zonder die uitgestoken hand naar hen, dan wordt dan nóg eens herhaald. Ik moet er niet aan denken.
Men zegt steeds: ‘na het feest is de verzoening niet voorbij. Maar ik vrees dat als je herstel en verzoening zover naar achteren in je prioriteiten plaatst, het voor hen straks helemaal niet meer hoeft. Ja, misschien is dat nu al zo ver.

Nog even wachten!
Ik ga ervan uit dat het allemaal goed bedoeld is, maar dat betekend nog niet dat het goed gedaan is.
Maar ‘t is nooit te laat om het nog anders te doen. Ik roep onze kerken op om tegenover hen en anderen te laten zien dat het menens is met die verzoening. En als dat betekent dat het feest nog even moet wachten, dan lijkt me dat een klein offer om te brengen.

*) Zijn reactie is voor iedereen op Facebook te lezen, dus daarom kan ik hem hier ook wel te citeren.

Hieronder de andere artikelen die ik in deze serie geschreven (klik op de foto)

Geplaatst in Wiebslog | Getagged , | Een reactie plaatsen

Welkom? (Lucas 4 14-30)

Na een grondige test te hebben doorstaan is de jonge Heer Jezus aan zijn loopbaan begonnen.
Daarvoor is Hij teruggereisd naar zijn thuisprovincie Galilea. Toch een wat achtergebleven gebied dat niet zo’n heel beste reputatie heeft in Jeruzalem. Er liggen veel heidense steden in die regio met alles wat dat met zich meebrengt.
Jezus reist langs de Joodse woonplaatsen en maakt daar diepe indruk. De mensen leren hem kennen als een nieuwe rabbi met een nieuwe leer. Zo hadden zij het nog niet eerder gehoord.
Wat zijn roem nog groter maakt is dat Hij niet alleen een rondreizende prediker is, maar dat er door Hem ook een grote genezings- en bevrijdingscampagne op gang komt. Hij geneest veel volksgenoten van alles wat hen ziek maakt en zelfs bezetenen vinden bij Hem bevrijding van de demonen die hen teisteren. De mensen in Galilea zijn erg enthousiast en de opgetogen verhalen reizen voor Hem uit. 

In Nazareth, het Galileese dorpje waar hij opgroeide, zullen ze wel gedacht hebben: ‘wanneer komt Hij nu eens bij ons?” Ze kenden hem heel misschien wel het best van allemaal. Want in hun kleine dorp van nog geen 400 mensen, kende iedereen iedereen. Als Jezus benJozef dan eindelijk langskomt in zijn thuisdorp zijn de verwachtingen hoog gespannen. De dorpsgenoten van vroeger mogen toch wel een speciale behandeling van Jezus verwachten! Ons kent ons tenslotte.

Geplaatst in Preken | Getagged , , , | Een reactie plaatsen

Verzoening, twee visies?

In twee artikelen heb ik mijn ongemak met de uitnodiging voor het feest rondom de fusie van NGK en GKv proberen uit te drukken. Zeker omdat, zoals ik in het tweede artikel schets, verzoening niet vanzelfsprekend voor iedereen wordt ingezet. Je moet het geluk hebben dat je in beeld komt van de commissie.

Dit ongemak bestaat nu zeker vijf jaar. Omdat het proces destijds al begon met de constatering: ‘dat de breuk tussen de beide kerken …uit 1967 in principe geheeld is’. Mij verbaasde dit toen, omdat ik de scherven van de breuk nog om me heen zag liggen en er nog geen poging was gedaan daar iets aan te doen. De landelijke uitnodiging om als vertegenwoordigers van beide kerken samen avondmaal te vieren trof me toen pijnlijk. Ik zag voor mij zelf geen ruimte daarin mee te kunnen vieren en voelde me buitengesloten.
In die periode van vijf jaar raakte ik met meerdere, nauw bij het proces van de fusie betrokken, personen in gesprek en steeds weer trof me het onbegrip, ja zelfs de verontwaardiging als ik de noodzaak tot verzoening aan hen duidelijk probeerde te maken en vragen stelde bij het lopende proces. Het is niet dat men verzoening onbelangrijk vindt, daarvan ben ik overtuigd, maar men is kennelijk wel van mening dat dit proces al zorgvuldig is ingezet.
Hoe kan het dat de één het gevoel heeft dat aan alle voorwaarden voor een zorgvuldige verzoening is voldaan, terwijl de ander juist ervaart dat verzoening te weinig prioriteit krijgt. Is er soms sprake van wederzijds onbegrip omdat we verschillende visies op verzoening hebben? In dit artikel een poging om daar meer beeld bij te krijgen.

Is er soms sprake van wederzijds onbegrip omdat we verschillende visies op verzoening hebben?

Wat is verzoening

Wanneer men het begrip verzoening in de Van Dale opzoekt is de betekenis simpel en helder: ‘het weer in goede onderlinge verstandhouding brengen’. Deze definitie ademt voor mij vrede, d.w.z. dat de betrokkenen weer vrede kunnen hebben met elkaar. Verzoening ademt in het Grieks van het Nieuwe Testament de sfeer van ‘een positieve verandering van negatieve verhoudingen.’ Christenen mogen daarbij een beroep doen op het verzoenende werk van Christus: dat sluit wraak en genoegdoening uit. Toch sluit dit niet uit, misschien wel juist niet uit, dat het onrecht benoemd wordt. In Mat. 5 zien we een echt oudtestamentisch verzoeningsritueel beschreven in een nieuwtestamentische belichting door onze Heer Jezus. Iemand is met zijn offergave onderweg om zich met God te verzoenen. Als de persoon zich bewust wordt dat een medemens iets tegen hem heeft, wordt hij opgeroepen het dan eerst met die ander goed te maken en dan terug te komen om te offeren. De Heer Jezus zal dit vast niet voor niets gezegd hebben: ook toen zullen gelovigen het waarschijnlijk toch eenvoudiger gevonden hebben om zich met de onzichtbare God te verzoenen dan persoonlijk met een zeer aanwezige nabije naaste. Je mag uit deze tekst afleiden dat de verzoening met God nooit in plaats mag komen van de verzoening met de naaste. Dat laatste krijgt in de woorden van Jezus zelfs voorrang op die met God (24).


Je ziet deze volgorde ook terug komen in het Onze Vader. We doen een beroep op de vergeving van onze schuld door de Vader zoals wij ook anderen hun schulden hebben vergeven.
Zowel in de verzoening als in de vergeving gaat de nabije naaste vooraf aan God. Niet omdat die belangrijker is, maar omdat beiden onverbrekelijk met elkaar verbonden zijn. Vergeving vragen en zich verzoenen met de naaste geeft kennelijk de juiste grondhouding voor men zich tot God keert om te vragen om vergeving aan God en zich met Hem te laten verzoenen.

Zowel in de verzoening als in de vergeving gaat de nabije naaste vooraf aan God

Handreiking

Een kleine vijf maanden na (!) de eerste landelijke avondmaalsviering van de beide kerken komen Deputaten Kerkelijke Eenheid en de Commissie Contact en Samenspreking met een ‘Handreiking Herstel en Verzoening’. Daarin kondigen zij de vorming van een werkgroep met dezelfde naam aan. Men stelt daarin zowel plaatselijk als landelijk aan verzoening te werken. In de handreiking geeft men een samenvatting in vijf stappen van het proces van verzoening dat de theoloog Myroslav Volf zich voorstelt als hij in zijn boek Exclusion and Embrace nadenkt over verzoening tussen de verschillende bevolkingsgroepen in zijn geboorteland, het voormalige Joegoslavië (p. 7).

— Herinner samen: wat is er gebeurd?
— Bied vergeving aan: wat gedaan is, bepaalt niet hoe ik nu met je omga.
— Toon berouw en verontschuldiging: ik erken wat jou is aangedaan.
— Herstel schade, voor zover mogelijk.
— Sluit elkaar in de armen, voor een nieuwe toekomst samen.

Op zich een mooie, zij het beknopte, samenvatting van een proces van verzoening dat m.i. past bij wat we eerder lazen in het evangelie van Mattheüs.
Hoewel de samenvatting mij juist lijkt, valt het mij op dat je deze nergens als samenvatting in het boek tegenkomt. Volf beschrijft uitvoerig en met grote zorgvuldigheid het proces van verzoening. Als Kroaat van geboorte staat het geweld van de in zijn ogen Servische agressors hem helder voor ogen. Hij wil naar het voorbeeld van zijn Heer Jezus niet berusten in een definitieve kloof tussen deze bevolkingsgroepen, maar hij beseft tegelijkertijd dat zomaar vergeven eigenlijk onmogelijk is. In de beschrijving van wat hier is samenvat als punt twee en drie: ‘biedt vergeving aan en toon berouw’, proeft men een enorme spanning. Het moet en is tegelijkertijd bijna onmogelijk. Alleen door zich rechtstreeks tot de Heer te richten en zich weer voor te stellen wat Hij voor ons ondergaan heeft zodat wij vergeving en verzoening kunnen vinden bij God kan er ruimte komen. Maar dat is een heel proces.
Wil men aan een nieuwe toekomst kunnen beginnen, dan moet er eerst heel wat gebeuren. Het onrecht moet eerst weer helder herinnerd worden. Volf schrijft: “Als de slachtoffers zich het juist herinneren, zal de herinnering aan het onmenselijke verleden hen en ons allen beschermen tegen toekomstige onmenselijkheid; als de overtreders wat zij hebben misdaan zich juist herinneren, zal de herinnering aan hun misdaden helpen hun schuldige verleden te herstellen en het te transformeren in vruchtbare grond waarop een meer hoopvolle toekomst kan groeien” (Volf, 2019, p. 133).

We verschillen niet van mening als het gaat om het belang van vergeving en verzoening, we hebben een heel andere kijk op het proces van verzoening.


En: “Nadat we berouw hebben getoond en onze vijanden vergeven hebben, nadat we in onszelf ruimte voor hen gemaakt hebben voor hen en de deur (voor hen) opgelaten hebben, moet onze wil om hen te omhelzen het ons toestaan een laatste en misschien wel meest moeilijke daad te stellen. Nl. de daad dat we het kwaad, ja dat we het verleden, als het ware vergeten” (Volf, 2019,p.132).
Getroffen ben ik door de zorgvuldigheid die Volf voorstaat en de diepte van onrecht en schuld die hij hier peilt. Dit is werkelijk een proces dat tijd nodig heeft en grote zorgvuldigheid vereist.
Als ik terugga naar de vraag van het begin, zit daar misschien wel de oorsprong van onze spraakverwarring. We verschillen niet van mening als het gaat om het belang van vergeving en verzoening, we hebben een heel andere kijk op het proces van verzoening.

Proces van verzoening

Het proces van Volf in de richting van verzoening dat in de genoemde handreiking in vijf stappen is samengevat, is in feite een reis naar verzoening die na vele stappen eindigt in een ‘omhelzing’ waar vanuit een nieuwe toekomst mogelijk wordt. Het is een wandeling naar elkaar toe die begint bij het zich samen herinneren wat er is gebeurd. Deze herinnering aan dat menselijke lijden is een publieke zaak volgens Volf (Volf, 2019, p. 224), zoals de herinnering aan Christus’ lijden, waarop verzoening tussen mensen steunt, een publieke zaak is. Vanuit die herinnering zet men stappen naar elkaar toe en probeert men met een beroep op de Heer te komen tot berouw, verontschuldiging en vergeving. Dat zou best een tijdrovende reis kunnen zijn. Vervolgens neemt men de schade op en probeert die, waar mogelijk, te herstellen. Pas als men dit heeft voltooid, kan men elkaar in de armen sluiten. Er is een begin van elkaar opnieuw vertrouwen en er is ruimte gekomen voor een nieuwe toekomst.

In de verloving en het beoogde huwelijk van de ex-echtgenoten GKv en NGK zijn in mijn optiek verzoening en het bouwen aan een nieuwe toekomst voortdurend samen opgegaan. Zoals men mag verwachten verloopt het bouwen aan de nieuwe toekomst een stuk sneller dan het proces van verzoening, dat naar zijn aard een tijdrovend proces is.
Dat men toch al een nieuwe toekomst kon bouwen komt omdat een groot deel van de betrokkenen de scheuring niet meer zelf heeft meegemaakt. Anderen hadden het voorrecht om in aanmerking voor het proces tot verzoening te mogen komen en kunnen vandaaruit dankbaar en opgelucht samen aan de nieuwe toekomst beginnen.
Maar er is een minderheid -ik vraag me af of men echt in beeld heeft hoever men in het proces van verzoening is en dus hoe groot die minderheid is- die hier buiten blijft staan. Ze hebben in 2017 niet mee kunnen doen aan het avondmaal omdat het voor hen eenvoudig nog niet zover was en nu ontvangt deze minderheid een uitnodiging voor een landelijk en zelfs een plaatselijke viering. Maar ze staan in principe buiten het proces. Zowel van de verzoening die voor hen nog niet begonnen is, als van het bouwen aan de toekomst waarvoor zij zonder verzoening nog geen ruimte kunnen vinden. Sommigen zouden zichzelf geweld moeten aandoen en zich in de feestelijkheden losmaken van hun familie om dat feest te kunnen vieren. In feite laat men zo een deel van de kerkfamilie buiten de feestzaal staan.

Iedereen vindt verzoening belangrijk en toch lijkt een deel van de mensen verzoening niet belangrijk genoeg te vinden totdat iedereen zover is.

Iedereen vindt verzoening belangrijk en toch lijkt een deel van de mensen verzoening niet belangrijk genoeg te vinden totdat iedereen zover is. Men heeft hier m.i. de fout gemaakt om verzoening als optie aan te bieden, maar naar haar aard is verzoening voorwaarde. Ze heeft dus de prioriteit op al het andere. Wil men tenminste als gehele gemeenschap aan een nieuwe toekomst bouwen en met allen gezamenlijk een feest kunnen vieren.

Bottom-up in plaats van top-down?

Je vraagt je af hoe het zo heeft kunnen gaan. Zou het te maken kunnen hebben met het feit dat er toch vrij snel sprake was van een top-down benadering? Van bovenaf druppelen de verhalen over geslaagde verzoeningen, de vorderingen in het proces van eenwording en de plannen voor fusie en feest de plaatselijke kerken in. Vanaf de basis gezien kun je zomaar het gevoel krijgen dat het iets van de anderen is, waar je in feite buitenstaat.

Stel je eens voor dat men het proces van onderop begonnen was. Door in de lijn van Volf eerst maar eens op plaatselijk niveau de verhalen aan elkaar te gaan vertellen. Velen weten daar niets meer van, maar er zijn altijd een aantal in de gemeente die er nog herinnering aan hebben. Samen met hen hadden we kunnen reconstrueren wat er gebeurd is in de tijd van de scheuring en vanuit dat verhaal contact zoeken met de naburige gemeente van de kerk aan de andere kant van de scheur. De namen en gebeurtenissen zouden in het geheugen van de gemeente weer naar boven gekomen zijn. Als men dat landelijk had gedaan, zouden in de breedte de ervaringen van toen weer zichtbaar geworden zijn. Namen van concrete personen zouden weer aan de oppervlakte gekomen zijn en ook wat er misgedaan en aangedaan is. Plaatselijk en regionaal had men zich vervolgens kunnen buigen over de vraag welke stappen men nu naar aanleiding van de verhalen wil en kan zetten, waarover men als erfgenamen van de schuld, berouw heeft, aan wie men vergeving kan vragen en … zich vervolgens afvragen wat er nog aan schade hersteld kan worden. Moeten er besluiten worden teruggenomen of mensen in ere hersteld? We kunnen niet alles wat we willen, maar toch wanneer men het proces zo breed landelijk had ingezet, was er op een zeker moment een soort verzadiging in de verzoening bereikt. En vandaaruit zou dan ruimte ontstaan zijn om elkaar werkelijk in de armen te sluiten. Plaatselijk, regionaal en landelijk. Het proces van verzoening zou zo breed geweest zijn dat er niemand uitgesloten zou zijn. Nu is dat wel zo!

Laat men die groep mensen nu buiten staan, terwijl men in mei het feest gaat vieren?

Ik kan en wil me niet uitspreken over intenties van mensen die druk geweest zijn met de kerkelijke eenheid. Het zal goed bedoeld zijn, maar ook met goede bedoelingen kunnen er zaken misgaan. En dat is m.i. hier gebeurd door verzoening en bouwen aan de toekomst tegelijk op te starten. Het laatste is sneller gegaan dan het eerste en zo krijgt -vreemd genoeg- voor sommigen feest voorrang op verzoening.

Laat men die groep mensen nu buiten staan, als men in mei het feest gaat vieren?


Hieronder een aantal blogs die ik in de loop van de jaren over dit onderwerp heb geschreven

Geplaatst in Wiebslog | Getagged , , | Een reactie plaatsen

Groeien in het nieuwe jaar

Als ik dit schrijf zitten we nog twee dagen van het nieuwe jaar af.
Is het afgelopen jaar verlopen zoals wij ons dat hadden voorgesteld?
Zeer waarschijnlijk niet! Gelukkig lijkt de COVID-19 crisis voorlopig voorbij.
Maar wie had zich kunnen voorstellen dat we dit jaar met oorlog zouden eindigen?
En dat de inflatie zo op zou lopen door de hoge energieprijzen?
Of dat de gevolgen van de klimaatverandering al zo merkbaar zouden zijn?
Zulke ontwikkelingen zijn eenvoudig niet te voorzien.
De gebeurtenissen in een jaar kunnen je leven een behoorlijke duw geven,
zodat het een heel andere koers krijgt dan je eerst verwacht zou hebben.
Wat in het groot voor onze samenleving opgaat, gaat waarschijnlijk ook op voor ons persoonlijke levens. Onverwachte gebeurtenissen kunnen het zomaar een heel andere koers geven,
Zodat je dit jaar heel anders beëindigt dan je ooit eerder gedacht zou hebben.
Terwijl we hopen controle over onze levens te houden,
kunnen we vaak niet anders dan reageren op de gebeurtenissen die ons overkomen.

Dat besef kan je heel onzeker maken.
‘Wat staat ons dit jaar weer te wachten?’, denk je misschien.
Sombere analyses over de toestand in de wereld kunnen dat gevoel nog eens flink sterker maken.
Hoe ga je 2023 tegemoet?

Is dat gevoel onder christenen (de minderheid in onze samenleving),
anders dan voor niet-christenen (de meerderheid)?
Beide groepen maken hetzelfde mee.
De energieprijzen stegen voor beiden, de kansen op een gewapend conflict ook, voor beiden worden de zomers heter en de winters warmer. Christenen zowel als niet-christenen werden ziek, verloren dierbaren, raakten hun werk kwijt en konden geen woning vinden, om maar een paar zaken te noemen.
Zijn christenen zekerder in hun toekomstverwachting?
Soms vraag ik me dat af.
Immers de mooie toekomst voor christenen waar we het onderling over hebben,
is voor ons gevoel zo ver weg en dus nog zo vaag,
dat die nauwelijks een kalmerend effect op ons leven nu kan hebben.

Of is dat toch anders als je de Heer volgt?
In ons bijbelgedeelte is daar niet zoveel van te merken.
Het leven van de mensen, die dagelijks met Jezus leven, raakt flink ontregeld.
Op een gegeven moment kunnen zij Hem zelf niet eens meer vinden.
Drie dagen lang zijn ze Hem kwijt, de eerste keer dat men Hem drie dagen lang kwijt is.
En als ze Hem uiteindelijk terugvinden, heeft Hij geen enkel begrip voor hun ongerustheid.
Dat lees je vaker over hen die met Jezus leven, hun leven raakt nogal eens ontregeld.
Krijgen christenen dan een dubbele dosis onzekerheid te verwerken?
Zij hebben net als ieder ander last van ongedachte gebeurtenissen,
en ontregeld hun Heer Jezus daarnaast ook nog eens hun leven!

Hoe ga je dán het nieuwe jaar tegemoet?
Volgend jaar verder, om 10:30 uur (!) in ons kerkgebouw.

Geplaatst in Preken | Getagged , , , | Een reactie plaatsen

‘De commissie’, een queeste naar verzoening

Of, over hoe je met elkaar naar verzoening zoekt maar zo toch beperkt bereikt

De ‘save the dates’ voor het feest in de NGK/GKv landden bij mij niet in goede aarde.
In een wat langer verhaal heb ik dat proberen uit te leggen. Daarachter zit een nog uitvoeriger verhaal.

Misschien vragen lezers zich af waarom ik hier nu nog mee kom. De datum voor de fusie lijkt al vast te liggen. In de afgelopen vijf jaar had ik toch alle kansen, moet ik me hier nu niet eens bij neerleggen?
Of er alle kansen waren valt nog te bezien, want ik denk dat het bijna niet anders dan zo had kunnen gaan. Het is maar waar men prioriteit aan geeft. Geeft men dat niet aan verzoening dan is de kans groot dat de kloof met andere ontwikkelingen snel groter wordt.

Ik moet toegeven dat ik in het begin -maar dat is al langer dan vijf jaar geleden- de groeiende tekenen van een proces naar eenheid wat van me weggeduwd heb. Het verlovingsverzoek aan de GKv in 2014 stemde me niet echt blij.
Dat had alles met mijn ervaringen binnen de GKv te maken. En net zoals dat gaat bij een gevreesd tandartsbezoek, heb je dan de neiging om er maar niet teveel aan te denken. Een verloving kan nog een hele tijd duren, tenslotte.

Maar toen ik de zaak binnen de regio (de NGK variant op de classis) waar ik toen afgevaardigd was (ook al in 2014) aan de orde stelde en nadruk legde op de noodzaak tot verzoening, bleek het me ter vergadering dat ik niet veel instemming ontmoette en op de volgende vergadering dat het de notulen niet eens gehaald had. Ik geloof best dat men niet tegen verzoening is, maar de noodzaak werd niet zo breed gevoeld, dat bleek.
Het is voor mij tekenend geworden voor mijn ervaringen met verzoening in dit proces van GKv en NGK. In ieder geval sneuvelden de pogingen waar ik bij betrokken was vroeger of later of brachten ze me in een onmogelijke positie.

In ieder geval sneuvelden de pogingen waar ik bij betrokken was vroeger of later of brachten ze me in een onmogelijke positie.

In 2016 werd de naam van één van mijn door de scheuring getroffen overleden predikanten-ooms openlijk genoemd op een herdenkingsbijeenkomst in Kampen. Meerdere mensen hebben zich toen ingespannen om iets van verzoening tot stand te brengen. Het enige dat ontbrak was het contact met mijn toen nog levende tante. Toen ik probeerde dat tot stand te brengen, ervoer ik hoe teer en tijdrovend het proces van verzoening eigenlijk is. Het is belangrijk wie er met het verzoek tot verzoening komt, hoe je dat voorbereid en dat er tijd voor is.
Met mijn tante had ik de jaren daarvoor regelmatig over de scheuring gesproken en het verdriet en de verlorenheid waren nog altijd voelbaar in haar woorden. Begrijpelijk, haar man en zij raakten hun plek in de kerk kwijt, hun reputatie, veel vrienden, hun veiligheid en hun vertrouwen. En dat terwijl mijn oom in de kwesties nadrukkelijk géén partij was. Hij wilde de eenheid bewaren, maar dat kon niet in die tijd. Er moest gekozen worden. Hij kon zijn werk als predikant na deze giftige ervaringen niet meer doen. Dat heeft hun hele verdere leven getekend.
De laatste gemeente waar ze gewerkt hadden vond al vroeg en vol blijdschap de eenheid weer (2015), maar ze vergaten mijn tante daarin te betrekken. Zij registreerde dat wel en maakte het op een afstand wat gelaten mee.

Toen ik haar ernaar vroeg, wilde mijn tante in eerste instantie niet echt meewerken aan alsnog contact. Belangrijkste reden: het was nu al zo lang geleden en ze had er zolang mee geleefd dat ze het liever niet weer oprakelde. Ze had het uiteindelijk bij de Here neergelegd en daar liet ze het nu liever liggen.
Maar het leek mij nu juist zo mooi als ze ook hier en nu al iets van verzoening mocht ervaren. Ze stemde uiteindelijk in met het ontvangen van een brief van de betreffende kerkenraad, als ik die haar zou brengen. Toen ik haar die bracht, keek ze me bedroefd aan, want ze besefte mijn betrokkenheid hierbij. En je wilt je neef toch niet iets weigeren. Maar ze kon niet zoveel met die brief, zag ik. Die was goed bedoeld, maar natuurlijk algemeen gesteld, want de mensen die deze brief geschreven hadden waren niet persoonlijk betrokken geweest bij de gebeurtenissen van toen. Bovendien, als ik niets had gezegd en anderen dat niet verder onder de aandacht hadden gebracht, zou ze er van de kerkenraad niets over hebben gehoord. Want wat voor haar een nog nabij verdriet was, was door anderen allang vergeten. Hoe kon ze er ook anders dan er zo op reageren? Het was niet de goede manier, het kwam op het verkeerde moment, niet de juiste mensen waren erbij betrokken en op deze manier werd haar verdriet nauwelijks gepeild, laat staan benoemd.

Maar omdat het een ‘loket’ is, je moet je melden, is de reikwijdte van deze commissie beperkt.

Je verlangen naar recht en verzoening voor je familie kan een onheilzame drijfveer worden. Dat besefte ik achteraf wel. Hoe goed bedoeld ook, op deze manier had ik het mijn tante niet moeten aandoen.

Inmiddels is er al enige jaren een werkgroep verzoening en recht, bemenst door beide kerken (de NGK en de GKv), een aanspreekpunt waar kerkleden en kerkelijke vergaderingen ervaringen van onrecht kunnen melden. De commissie heeft in tientallen gevallen iets kunnen betekenen en dat is natuurlijk mooi!
Maar omdat het een ‘loket’ is, je moet je melden, is de reikwijdte van deze commissie beperkt. Voor nogal wat betrokkenen is dat nl. onoverkomelijk is mijn inschatting. Sommigen van hen zullen zich nooit melden bij het instituut waarin ze alle vertrouwen verloren hebben. Als ze er al van weten. En dat is het geval bij een heel aantal van de indirect door de scheuring getroffen mensen. Het is alsof je aan de slachtoffers van de toeslagenaffaire vraagt de belastingtelefoon te bellen voor hulp (wat helaas ook gebeurd is). Ze zullen het niet doen, het vertrouwen ontbreekt eenvoudig.
En dat begrijp ik.

Toen ik daar op een regiovergadering naar vroeg (op een andere regio), verwees men mij naar de commissie. Toen ik bij een andere gelegenheid het bovenstaande voorlegde, besloot de regio de vraag mee te geven naar de toen a.s. Landelijke Vergadering. Dit was op onze laatste vergadering voor de Coronacrisis uitbrak.
Twee jaar lang lag er veel stil. Toen ik hier een aantal maanden geleden op onze eerste regiovergadering na Corona via de behandeling van de notulen naar vroeg, bleek dit niet gebeurd te zijn. Dezelfde afgevaardigde was toevallig ter vergadering.
Tja, en wie zou het niet begrijpen, alles ging anders de afgelopen periode. De voorzitter van de vergadering suggereerde me daarop dat ik me maar bij… ‘de commissie’ moest melden. Ik was te verbluft om er nog op in te kunnen gaan. Het kan allemaal goed bedoeld zijn, maar voor mij maakt dit duidelijk dat men geen enkele urgentie voelt bij dit soort vragen.

Onbedoeld krijgt de commissie zo een wat negatieve bijklank. Het is niet mijn bedoeling daarvoor aanleiding te geven. Eén van de leden heb ik ander verband meegemaakt en leren kennen als een warm en betrokken persoon, de anderen ken ik niet persoonlijk. Deze mensen zullen zich maximaal inzetten stel ik me voor, maar toch zullen zij vele betrokkenen eenvoudig niet bereiken. Kerkelijke vergaderingen melden zich in een aantal gevallen niet bij hen, zo blijkt (in het geval van mijn beide ooms in ieder geval niet), kerkleden vragen hen er niet om, en direct getroffenen die geen kerklid meer zijn, zullen zich ook niet melden.
En dat brengt mij ook weer in een spagaat. Het zijn mijn kerken die voor deze koers kiezen; ik wil recht en mogelijk verzoening voor mijn getroffen familie en ik kan er zelf toch geen rol in spelen.
Dat bleek later ook weer toen ik bij een studievriend mijn nood klaagde, hij de commissie benaderde en weer bij mij terugkwam met de vraag: ‘of ik mijn familielid wilde vragen of die er aan mee wilde werken.’ Weer kwam ik in dezelfde positie terecht (zie ik nu) en ik deed het ook nog. Ik kreeg dezelfde wat bedroefde blik toegeworpen en ik moet het antwoord op die vraag nog krijgen. En ik begrijp dat. Ík zou dit niet moeten vragen.

Als je het zo beziet is vijf jaar niet veel tijd, zeker als je beseft dat twee jaar lang vrijwel alles stil lag vanwege Corona. Als je het fusieproces op deze wijze inzet, kan het bijna niet anders of je komt uit op de situatie die er nu ligt. Door verzoening bij een commissie onder te brengen en die afhankelijk te maken van vrijwillige melding, maak je deze afhankelijk van de motivatie die anderen daarvoor voelen. Als die geen urgentie voelen om daarom te vragen, vindt verzoening eenvoudig niet plaats.

Of we het nu leuk vinden of niet, deze verdrietige verhalen van de jaren zestig en zeventig horen bij de geschiedenis van onze kerken. Ze verdienen het verteld te worden en openlijk betreurd. Niet alleen in algemene termen, maar soms ook met naam en toenaam. Omdat het leed zo groot was. Laten deze persoonlijke geschiedenissen, al zijn ze nog zo pijnlijk, in ons midden bewaard worden. Als herinnering aan het feit hoe verschrikkelijk mis het kan gaan tussen christenen uit dezelfde kerk en hoe groot de gevolgen daarvan kunnen zijn. Opdat we het nooit vergeten en God bespare het ons, ook nooit weer doen. Het ergste dat we nabestaanden kunnen aandoen is deze verhalen niet vertellen en ze vergeten.

Vanaf het begin is volop ingezet op de bestuurlijke kant van de fusie, maar zijdelings op verzoening. Er is best wel iets gebeurd: er zijn veel grote woorden gesproken, in 2017 al; er is verdriet verzegeld in een kruik; er zijn besluiten teruggenomen en mensen in ere hersteld. Maar op enkele tientallen persoonlijke verzoeningen na, was veel schuldbetuiging in mijn beleving nogal algemeen van aard.
Op deze manier is het niet zorgvuldig genoeg, mensen blijven buiten bereik. Je moet het geluk hebben dat je in beeld komt. En zo niet dan val je er buiten.
Verdriet is ook onvoldoende gepeild naar mijn smaak en dan kun je het ook niet echt betreuren. Alleen ingewijden kennen de verhalen van toen. Wie vertelt die verhalen nu nog eens?

Het ergste dat we nabestaanden kunnen aandoen is deze verhalen niet vertellen en ze vergeten.

Dan is het alsof het nooit gebeurd is en geen enkele betekenis had. Dat mag zo toch niet zijn onder christenen.
Wat men destijds in Zuid-Afrika begreep met de Waarheids- en Verzoeningscommissie. Dat wat men nu in vele maatschappelijke geledingen begrijpt: geef slachtoffers en daders een gezicht en vertel hun verhaal. Dat zou toch ook binnen onze kerken begrepen moeten worden, als verzoening onze corebusiness is?

Wat destijds publiek was en mensen hun reputatie kostte, lijkt men nu -tenminste vanuit mijn gezichtspunt- in de beslotenheid van de kleine kring te willen herstellen. En terwijl er veel slachtoffers zijn en in algemene zin ook genoemd worden, hoor je weinig over daders en verantwoordelijken. Als er slachtoffers zijn dan moeten er toch ook daders zijn? Het lijkt net alsof er destijds een ongelukkig conflict was en dat we daar nu allemaal spijt van hebben.
Maar er zijn toch ook grote fouten gemaakt! Kan er verzoening zijn als die fouten en verantwoordelijkheden soms ook niet heel persoonlijk benoemd en betreurd worden?

Als zij-instromer in de NGK trof me destijds de persoonlijke benadering waar men voor gekozen had. Op alle niveaus in de kerkelijke organisatie was dat te merken. Bijvoorbeeld in de regelgeving: ‘nooit kon je een procedure inzetten of vervolgen zonder persoonlijk gesprek met de betrokkenen.’
Het leek me een verworvenheid uit de jaren van de scheuring: liever wat minder georganiseerd blijven dan onpersoonlijk te worden. Laat men die lijn nu weer los?

Vanuit mijn perspectief treft me het als vreemd en ook pijnlijk dat men als het om de feestviering gaat, weinig aan het toeval overlaat. Zelfs plaatselijk niet. Maar dat men als het om verzoening en recht gaat veel laat afhangen van de bereidheid van mensen om daartoe te komen.
Had men dat nu niet anders kunnen vormgeven?
Beiden, zowel het feest als de verzoening, worden zo onbedoeld een nogal exclusief gebeuren.

Een volgende keer hoop ik nog iets te schrijven over een andere weg.

Geplaatst in Wiebslog | Getagged , , | Een reactie plaatsen

In de sterren Mat. 2, 1-12

Wat is jouw kerstverhaal? 
Misschien vind je het een vreemde vraag. Er is toch maar één kerstverhaal!
Ja als het over de komst van onze Heer Jezus gaat is dat zo. Maar als het over ons gaat niet.

Ik zou de vraag ook anders kunnen stellen: als je op dit moment het verhaal van jouw Kerst zou moeten vertellen, hoe zou dat er dan uitzien?
Wie is de hoofdpersoon in jouw verhaal? Welke andere figuren spelen er een rol? Welke? Is er ook een schurk? Waar ben jij bang voor? En wie is voor jou de echte koning? En hoe gaat het verhaal aflopen?
Staat er ook voor jou een boodschap in de sterren?

Zondag gaat het over het Kerstverhaal en over jouw kerstverhaal.

Bekijk hier een Prezi bij het verhaal

Geplaatst in Preken | Een reactie plaatsen

Goede communicatie

Daar zijn we vast allemaal voorstander van. En hoe moeilijk is dat! Het blijkt zo vaak. Soms door een kleinigheid. Andere keren door (veronderstelde) keuzes, positief en minder positief. En ook door onhandigheid. Reken maar dat ik daar ook last van heb. Tenslotte is er ook nog het fenomeen: ‘zender en ontvanger’. Het kan blijken in gezellige spelletjes, specifiek daarop gericht. En uiteraard kun je er met elkaar, in een meer serieuze context, ook behoorlijk mee ‘uit de bocht vliegen’. 

In ieder geval zijn er voor communicatie altijd twee partijen nodig. Als voorbeeld de verantwoording van de kerkenraad over het nu niet verder invullen van de drie openstaande vacatures ( zie ‘Slecht Nieuws’ – het omgekeerde duimpje in NB van 25 november jl). Daarin probeer ik namens de kerkenraad het ‘hoe en waarom’ duidelijk te maken van de vacatures die niet ingevuld worden. Ongetwijfeld zal daarmee vast niet alles voor iedereen duidelijk zijn. Hoe groot kan de moeite zijn om daarover bij een bak koffie na de dienst (of elders) elkaar nog even te bevragen?! En stel je voor dat je het maar lastig vindt om zoiets aan ‘hem of haar’ te vragen, dan zijn er vast meer mensen (in de kerkenraad) die voor jou wel toegankelijk zijn.

Verwacht geen eenzijdig, volmaakte communicatie. Dat geldt niet alleen voor de kerkenraad, maar ook in (vrijwel) alle andere situaties. ‘We zijn net mensen’, zou je kunnen zeggen. 😊

Geplaatst in NGK Ermelo | Getagged | Een reactie plaatsen

Reacties Lunchgesprek zondag 18 december 2022

 ‘Vernieuwing structuur kerkenraad’

      Zie informatienotitie in NB 16/12 (evenals 9/12)

Het formele bestuur van de kerkenraad zou straks kunnen volstaan met een kleinere bezetting dan nu het geval is en minder frequent kunnen vergaderen. Een klein bestuursteam functioneert, op basis van een delegatiebesluit, ter ondersteuning van de kerkenraad en de afstemming met de gemeente. 

En, kort samengevat,  zou het accent van activiteiten, beleidsinitiatieven en -ontwikkeling in een vernieuwde structuur bij de onderscheiden Teams kunnen liggen. Een meer informele en praktische aanpak in vergelijking met de nog bestaande structuur van de kerkenraad.

Wat ons betreft is het niet de vraag of de KR verdwijnt, maar hoe we het elan in de gemeente optimaal kunnen inzetten voor een praktische organisatie- en overlegvorm, dienstbaar aan de gemeente, zónder dat een formele en frequente vergaderstructuur daarbij voor de voeten hoeft te lopen.

Vraag-/aandachtspunten:

  1. Begrijp je waarom wij tot deze vernieuwing willen komen?
  2. Wat spreekt je aan?
  3. Wat roept vragen bij je op? Welke?
  4. Wat spreek je niet aan? Waarom niet?
  5. Vinden we de gedachte realistisch dat we door en voor de gemeente gewenste Teams, voldoende gemeenteleden kunnen vinden 
  6. Zijn er overigens nog vragen of opmerkingen?

————————————————————————————————————————————–

Reacties uit de ‘tafelgesprekken’:

Groep A:

Ad 1. De vraag van één persoon was : wat is het probleem, hoezo kunnen er geen ambtsdragers gevonden worden? Is er een bredere aanpak aan ten grondslag?

Ad 2. Meer gavengericht, met kleinere taken kun je beter gericht werken en zijn de vacatures makkelijker te vervullen.

Ad 3. Is een betere transparantie mogelijk over het proces van besluitvorming? Goede communicatie is belangrijk, laten weten dat er geen ouderlingen meer op bezoek komen.

Ad 4. Geen antwoord, niet besproken

Ad 5. Ja , veel teams zijn er al en zijn beter aan te vullen. Kan ook wijkoverstijgend zijn.

Ad 6. Ja, laten we ergens iets liggen, iets wat nog niet geregeld is (bijv team jongeren)? Wie gaat er over specifieke onderwerpen, bijv standpunt over homosexualiteit ?

Groep B: 

  1. Het is inmiddels wel duidelijk dat de vacatures die er zijn in de kerkenraad steeds moeilijker kunnen worden ingevuld. Het is daarom goed en wijs om te kijken naar andere vormen van leiding geven binnen de kerkelijke structuren.
  2. Duidelijkheid en structuur is nodig en betrokkenheid is van groot belang.

Vooral het gebruik maken van alle gaven en talenten, die er in de gemeente zijn, optimaal gaan benutten.

  1. Waarvoor zouden er nu wel mensen bereid gevonden worden voor het werk in de teams?
  2. Het bedrijfsmatige van het schema. Een kerk is geen bedrijf.
  3. Bij vraag 1 hebben we geconstateerd dat we begrijpen dat er wat moet gebeuren en dat we daar bij ingeschakeld (kunnen) moeten worden is dan een logisch gevolg.

Voor een deel zijn de taken al ingevuld. Het is ook belangrijk dat mensen van te voren weten hoe lang ze een taak moeten vervullen

  1. In het schema staan 10 kringen. Onder het kopje “Gemeente” staat dat de bestaande indeling van de wijken  met vaste ambtsdragers wordt losgelaten. Terwijl er wijksgewijs   toch wel vele pastorale mogelijkheden liggen. 

Tenslotte werd er positief gereageerd op de wijze waarop de kerkenraad deze belangrijke zaken bespreekbaar maakt d.m.v. deze lunchgesprekken. De betrokkenheid is daardoor groot! Er ontbrak overzichtelijkheid bij het bestuderen van het schema. Duidelijkheid over bestaande kringen is ook gewenst!

Groep C:

Twee betrokken reacties vanuit het groepje jonge gemeenteleden: ‘We hebben even gegoogeld en het blijkt dat God het hoofd van de kerk is.’?  En ook ‘wij zijn het lichaam van Christus’.

Groep D:

Hoe begrijpelijk is de voorgestelde verandering?

Het takenpakket en tijdsinvestering binnen de KR is te breed. Dat zal mensen afschrikken.

Gave gericht inzetten. Niet iedereen kan gemakkelijk uitgebreide kerkelijke rapporten lezen en daar gefundeerd iets van vinden. Niet iedereen kan een leesdienst houden of met de predikant meebidden. Niet iedereen voelt zich comfortabel om bezoeken in de wijk te brengen. 

Verandering / vernieuwing: deze is door nood geboren door te weinig geschikte, danwel beschikbare kandidaten.

We willen wel zorg hebben voor elkaar.

Veel teams bestaan al en zijn ook gevuld. Dat is dus wel realistisch.

Het vullen van de kringen ligt anders.

Hoe komen wij tot kringen?

Team Kringen? Zicht op kringen krijgen, iemand met organisatietalent.

Waar zit de penningmeester? In het team beheer of het bestuursteam? 

Onderling pastoraat i.p.v. ouderlingpastoraat.

Team gemeenteweekend ontbreekt (of team activiteiten)

Is 3 keer per jaar vergaderen als team niet te veel. Misschien wel, maar communicatie blijft

wel belangrijk.

Weten we van elkaar waar we mee bezig zijn?

Hoe zit het met individuele initiatieven?

Groep E:

  • Men is “allergisch” om zaken opgelegd te krijgen.
  • Geografische wijkindeling blijft gewenst.
    • Onderlinge zorg in de buurt
    • Mensen vallen niet snel buiten de boot
  • Bestaande groepen/activiteiten laten bestaan/stimuleren, niet overrulen met nieuwe structuur. Naast elkaar laten bestaan.
    • Opmerking van mijzelf (na de vergadering): ik weet dat we een inventarisatie van activiteiten hebbe gemaakt. Mijn idee: in kaart brengen/up to date proberen te houden en dit blijven communiceren naar de gemeente toe, zodat men weet wat er allemaal gaande is en men kan aansluiten.
  • Terugkoppeling teams naar KR: daar waar dat nodig is (standaard 3x per jaar lijkt voor sommige teams te veel). Alternatief is dan via informele contacten: initiëren vanuit KR en/of vanuit de teams, indien nodig.

bijvoorbeeld:

  • Pastoraal team: regelmatige terugkoppeling/vergaderingen gewenst (3x per jaar).
    • Communicatie team: beamteam heeft weinig te maken met team nieuwsbrief. Wordt wellicht lastig om 1 aanspreekpunt voor het hele team te vinden. Contact kan voor dit team meer informeel.
  • Dagelijks bestuur/moderamen: 3 personen lijkt weinig -> 5 gewenst  (daar had je al op gereageerd: van harte welkom 😊)

Groep F:

Het is goed om deze stap te maken.  

Al was het alleen maar om niet alleen in het ‘oude’ te blijven hangen, omdat het altijd zo was. 

Maar we begrijpen het ook in het licht van het (kerkelijk gezien overal) moeilijk te krijgen ambtsdragers. 

De stap maken vanwege meer  

*verantwoording voelen voor lid zijn van onze gemeente,  

*gemeentebinding 

*gezien en gehoord voelen 

Op zich is daar natuurlijk ook meer van te zeggen: je moet het ook willen, ervoor openstaan en mee willen gaan. 

Niet achterover blijven leunen en zeggen dat de KR het niet/wel goed gedaan heeft. 

Waar we zeker aandachtspunten zien liggen: 

-waar liggen de verantwoordelijkheden binnen teams 

-hoe wordt er regelmatig afgestemd met de teams. Dat de teams niet een op zichzelf staand geheel gaan worden. 

(komt het niet in te kleine teams/groepen terecht die het denken zelf te moeten oplossen 

-hoe wordt voorkomen dat de KR/bestuur niet alleen komt te staan. Hoe verloopt goede communicatie 

(als je bijv. kijkt naar hoe de berichtgeving in de nieuwsbrief al dan niet gelezen wordt of doorgeklikt wordt. 

-hoe de taken en verantwoordelijkheden goed te omschrijven. 

-waar liggen juridische haken en ogen 

Vraag: 

-wat is straks de taak van de ouderling van dienst  

-kan een consistoriegebed en gebed in de kerk ook gedaan worden door een niet-ambtsdrager? 

 Kan dat ook door gemeenteleden gedaan worden die zich daartoe ‘geroepen’ voelen 

-kan er daarom een nieuwe gavenbank opgezet worden.  

 Niet alleen voor klusjes maar ook om o.a. het hiervoor genoemde te doen. 

Groep G:

1 Begrijp je waarom wij tot deze vernieuwing willen komen?

Ja. (Iedereen eens) past ook meer in deze tijd. Wel zorg om het zicht houden van uit de raad op de individu / situaties  Ligt ook aan de kring. Goede communicatie.

2 Wat spreekt je aan?

  • Taakverdeling over grotere groep
  • vergroten van de betrokkenheid
  • Nu wordt duidelijker wat we als gemeente uitdragen buiten de diensten.
  • meer zicht op de talenten

3 Wat roept vragen op?

  • communicatie onderling tussen de teams vaak digitaal  Wens zou zijn face to face / interactie
  • Beamteam zou bij zowel eredienst als techniek moeten aansluiten( Herbert)

4 Wat spreekt je niet aan?

  • Zorg om mensen die geen kringen deelnemen, enkel (af en toe) de diensten bezoeken.

5 Vinden we de gedachte….. kunnen vinden?

  • Nadenken over je eigen gaven; deze serieus nemen en verantwoordelijkheid nemen om in actieve houding je in te zetten.
  • het is een lossere situatie/ beweging waarin we al groeiende moeten voortgaan.

6 Opmerkingen

  • ook een team Jongeren ( niet te verwarren met team kinder- en jongerenwerk)
Geplaatst in NGK Ermelo | Getagged , , | Een reactie plaatsen

Reacties Lunchgesprek zondag 20 november 2022: fusie gkv- en ngk-kerken per 1-1-2023

Context vh gesprek

Afgevaardigden van de kerken vergaderen nog over o.a. de nieuwe kerkorde en de harmonisatie van de arbeidsvoorwaarden predikanten en kerkelijk werkers (w.o. de pensioenregeling). De laatste vergaderingen daarvoor van de Generale Synode (gkv; GS) en de Landelijke Vergadering (ngk; LV) staan gepland in januari a.s. ‘Alles’ is er op gericht om op landelijk niveau te fuseren tot ‘Nederlandse gereformeerde kerken’ per 1 mei a.s.

De gemeente, resp. de kerkenraad van ngk Ermelo kiezen er voor om onze bestaande kerkgemeenschap in dezelfde (kleinschalige) vorm voort te zetten. E.e.a. in goed contact en, waar gewenst, samenwerking met omliggende kerken.

Vragen – Gesprekssuggesties

Kies 2 of meer vragen om met je tafelgenoten te bespreken, waarbij een persoon de belangrijkste opmerkingen en/of conclusies noteert (in volzinnen, steekwoorden en/of…. wat je voorkeur heeft!).

Zo mogelijk hopen we aan het einde van de lunch een rondje te maken om van elkaar enkele reacties te horen. 

Wie weet levert dat nog goede suggesties op voor de kerkenraad en de gemeente op (of voor de GS/LV). 

  1. Kijk je uit naar de fusie? Waarom wel / niet?
  2. Verwacht je veranderingen? Wat/welke vind je wenselijk, of juist niet?
  3. Verwacht je ook problemen (‘leeuwen en beren op de weg’)?
  4. Op welke terreinen zouden we elkaar al snel tot hand en voet kunnen zijn?
  5. Wat vind je plaatselijk belangrijk bij het landelijk gefuseerde kerkverband?
  6. Vind je het begrijpelijk dat de fusiedatum feitelijk al vast staat?
  7. Heb je een (kernachtig) advies voor de afgevaardigden in de GS en LV?

============================================================================

Reacties in het lunchgesprek zondag 20 nov. 2022, fusie gkv-/ngk-kerken per 1-5-2023

Groep A:

De belangrijkste punten van ons groepje afgelopen zondag tijdens de lunch:

– bijna iedereen staat positief t.o.v. het fusie van NGK en GKV

– een enkeling is wat gereserveerd, moet het eerst nog zien

– de naam van onze kerk zou wel veranderd moeten worden, je krijgt anders 4 kerken:

            NGK Ermelo

            NGK Harderwijk

            NGK Putten

            NGK Ermelo-Harderwijk-Putten

– samenwerking is om te beginnen mogelijk voor:

            pastoraal werk

            jeugdwerk

            gezamenlijke diensten op biddag, dankdag, vakantieperiodes e.d.

            ruiling predikanten

– voor de een is de datum van 1 mei niet hard, voor anderen moet er wel een streefdatum zijn na al die jaren van voorbereiding

– het goed regelen van de pensioenen is nog wel een uitdaging  

We hebben niet alle vragen besproken, maar dat was ook niet de opdracht.

———————————————————————————————————————————

Groep B:

Op zich wordt het herstel van de historische breuk en het zoeken naar kerkelijke eenheid als positief ervaren.  De ingangsdatum is voor de meesten niet zo belangrijk. Er hoeft geen druk op te zitten. Het pensioen-dossier ligt zwaar op de maag en zou eigenlijk eerst goed opgelost moeten worden. Aan de samenwerking zou meer aandacht geschonken moeten worden. Samenwerken waar het kan (meer kanselruil, jeugdwerk, ouderen activiteiten e.d.).

—————————————————————————————————————————-

Groep C:

– in de praktijk verwachten we dat er niet zoveel zal veranderen

– wat doen we met onze naam? Ngk ehp is wat gek bij een ngk e, ngk h en ngk p. Mss iets algemeens als ‘de schuilplaats’ ofzo.

Zelf zei ik daarna nog: 
– in de toekomst zie ik samenwerking wel als een probleem want op wie richt je je dan? Als harderwijker wil ik in een kerk waar ik niet de enige harderwijker ben.

——————————————————————————————————————————–

Groep D:

Heb gekozen voor DEZE gemeente, niet perse voor de NGK, maakt me niet uit welke naam de kerk heeft.

Niet in het verleden blijven hangen, maar meer wat is nu belangrijk.

Goed dat we samenwerken , vooral voor de jeugd: jeugd alpha enz.

Zorgen om de financiën, pensioengedeelte.

Fusie/ samengaan kan verbetering geven zoals in een bedrijf, dus positief.

Niet alleen over zakelijke dingen hebben maar vooral over wat ons bind!

Maar ook de financiële kant is belangrijk.

Waarom zo snel ? geeft het ons genoeg tijd om ons te laten Leiden.

Hebben weinig keus, proces is niet meer te stoppen toch ?!

————————————————————————————————————————————-

 Groep E:

1 – Kijk je uit naar de fusie? Waarom wel/niet 

(Niet aan toegekomen. Zo’n beetje de sfeer proevend had ik de indruk dat dat per persoon wat verschilde, dat enthousiasme). 

2 – Verwacht je veranderingen? Wat/welke vind je wenselijk, of juist niet? 

Roulerende predikanten wordt als positief ervaren, je krijgt daardoor wat meer gevoel en bekendheid met de gkv-bloedgroep. Je kunt meer gezamenlijk organiseren.  
Hierbij wel kanttekening: dat moet niet ten koste gaan van samenwerking die er al is met andere kerken op verschillende gebieden. Waardoor we (opnieuw) in een soort eenkennig vaarwater komen. 
Nog een kanttekening: samenwerking op verschillende gebieden kan o.m. ook efficient zijn, maar zeker het opstarten van samenwerking vergt nog steeds menskracht, en misschien aanvankelijk nog wel meer. 

3 – Verwacht je ook problemen? 

T.a.v. de stand van zaken t.a.v. het pensioenfonds is er de nodige zorg. Het is wenselijk dat wat er op dit gebied speelt helder en transparant wordt gecommuniceerd naar alle gemeenten. Want ook als de achterstand die er speelt binnen de gkv voorlopig op conto van de gkv-bloedgroep blijft staan, de verantwoordelijkheid voor pensioenen wordt straks wel degelijk ook een verantwoordelijkheid van de ‘ngk-afdeling’, helemaal als het niet lukt om de openstaande ‘schuld’ afgetikt te krijgen.  

En als we bedenken dat we bezig zijn vwb de ngk/gkv met een verzoeningsproces, moet het niet zo zijn dat een aantal gemeentes zich straks bekocht zal voelen omdat hierover geen transparantie is geweest. 

4 – Op welke terreinen zouden we elkaar al snel tot hand en voet kunnen zijn? 

Jeugdwerk met name, daardoor kan het eenwordingsproces ook van ‘onderaf’ rijpen. 

5 – Wat vind je plaatselijk belangrijk bij het landelijk gefuseerde kerkverband? 

(Niet aan toe gekomen) 

6 – Vind je het begrijpelijk dat de fusiedatum feitelijk al vast staat? 

Voor het proces is dat alleszins wenselijk, gezien de ervaringen binnen de PKN. Maar als die datum dwingend gaat uitwerken, zodanig dat bepaalde onderwerpen daardoor in de knel raken, dan wordt dat een andere zaak. In de groep leeft het idee dat dat bijv. met de pensioenkwestie het geval is. 

Belangrijk is dan dat er op z’n minst wordt gecommuniceerd over wat nog niet goed uit-gecommuniceerd is, zodat er niet achteraf lijken uit de kast springen (nou ja, springen).  

Ook moet die datum niet gebruikt worden als een soort stopbord om het over bepaalde dingen maar niet meer te hebben. (In één van de groepen werd bijv. gezegd: we moeten niet in het verleden blijven hangen, maar ons richten op de toekomst. In de vanmorgen gehouden preek was dat nou net niet de strekking: pijn uit het verleden moet en mag worden benoemd). En het is begrijpelijk dat niet naar álle duizenden benadeelden kan, en ook niet op dezelfde manier móet. Maar er zijn wel groepen aan te wijzen die significant geleden hebben: denk aan afgezette predikanten, hun vrouwen, én hun kinderen.  

Groep F:

Na een korte inleiding op het onderwerp ‘Fusie’ beginnen we een gesprek. Dat waaiert aanvankelijk alle kanten op. Een ex-vrijgemaakte en een ex-gergemmer zijn met elkaar in gesprek over vroegere over vroegere geslotenheid van een kerkgenootschap en kerkgrensoverstijgend christen zijn van nu. Het laatste wordt als positief ervaren. 

  1. Aanvankelijk wordt aan onze tafel ingezet op de gedachte dat iedere christen de plicht heeft zich met de andere te verzoenen en dat het fusieproces dus een opdracht is. Maar dan moet het wel tot verzoening komen. Dat laatste is misschien nog niet volledig in beeld. 
  2. Je moet ergens een stip op de horizon hebben, maar de datum 1 mei zou niet in graniet gehouwen moeten zijn. Men moet het grondvlak de tijd geven hierin mee te komen. En zaken verder ook goed afronden. 
  3. In het algemeen is men het wel eens met de gedachte dat we een zelfstandige gemeente binnen het kerkverband blijven. We hebben iets met elkaar opgebouwd en daarnaast zijn een heel aantal mensen van onze gemeente lid geworden vanwege het kleinschalige karakter hiervan. 
  4. Wel is er openheid voor de gedachte om te zien hoe zich het een en ander zich in de loop van de tijd ontwikkelt. Men vermoedt nu wel cultuurverschillen, tussen de twee Ermelose Nederlandse Gereformeerde Kerken. 

Het verlangen bij de nog recent vrijgemaakte leden is vaak wat groter dan de leden die vanuit andere kerken afkomstig zijn. Hoewel daar ook weer uitzonderingen op zijn. 

Geplaatst in NGK Ermelo | Getagged , | Een reactie plaatsen