Komt dat zien! (Jes. 6: 1-8)

Komt dat zien, Emily wordt gedoopt!
Jonathan en Lisanne zijn daar heel blij mee.
Vandaar de hartelijke uitnodiging voor zondag.

Komt dat zien!
Dat klinkt haast als de aankondiging van een kermisattractie.
Zoals: ‘kom kijken naar de langste man van de wereld’ of
‘alleen vandaag: de vrouw die een olifant kan tillen!’
Komt dat zien!

Maar is er dan zoveel te zien?
Als de mensen van beeld en geluid het goed in beeld kunnen krijgen,
zie je het achter in de zaal ook.
Maar je moet goed kijken, wil je die drie handjes water zien.
En goed luisteren: één zinnetje en het is voorbij.
Daarvoor kom je zondag!
Komt dat zien!

Er zullen geen radio en TV bij zijn zondag.
Daarvoor is er niet genoeg te zien en niet genoeg te horen.
De doop van Emily is niet nieuwswaardig, zeggen ze dan.
Tenminste niet in de beleving van radio en TV.

Misschien ook niet in onze beleving.
We leven immers in deze tijd.
Ook wij zijn het gewend dat we van alles kunnen zien en meemaken.
Via het nieuws en de sociale media is het alsof we erbij zijn.
Als iemand op vakantie gaat, krijgen ook wij een vakantiegevoel van de foto’s
Oorlogen, aardbevingen, overstromingen, we kijken over de schouders van de betrokkenen mee.
Concerten, de levens van bekende Nederlanders, de première van een nieuwe film,
we staan er boven op en kunnen volop meekijken.

Als jij enthousiast iets over je verwachting van God vertelt,
Kun je zomaar als antwoord krijgen:
‘eerst zien en dan geloven’.
Als er niets te zien valt, vinden sommigen het ongeloofwaardig.

Komt dat zien: Emily wordt gedoopt!
Ik denk dat er zondag heel wat te zien is.
Hemel en aarde komen voor een moment even samen.
Maar daarvoor moet je wel goed kijken.
Komt dat zien!








Geplaatst in Preken | Getagged , , , | Een reactie plaatsen

…opnieuw begonnen! (Joh. 18, 1-14)

Stel je voor dat erbij was geweest, toen.
Had kunnen meekijken zoals je naar een film kijkt:
alles wat er gebeurt ziet, maar er zelf niet aan meedoet.
De Hof van Eden je verbaast met zijn schoonheid en heelheid.
Alles, de planten en de dieren, heel herkenbaar voor je zijn,
maar toch zoveel meer levend dan jij dat gewend bent.
Dat je deze plek zou ervaren, waar je wel voor altijd zou willen blijven, zo aangenaam.

En dat je de slang had zien schuifelen;
werkelijk een schrander uitziend beest.
En dan de onbedorven vrouw zien wandelen.
Die zo te zien haar omgeving intens in zich opneemt.
En haar daar bij de ‘boom van de kennis van goed en kwaad’ zag aankomen.
Je had die direct herkent, ja zo moet de boom van kennis eruitzien,
alsof die herinnering nog ergens diep in je geheugen zit.
De vruchten aan deze boom zien er nog smakelijker uit dan al de andere.
Dat je aan de vrouw merkt dat ze van de aanblik van de boom geniet.
En dat dan -ineens- de slang zijn kop opsteekt en haar iets toe sist.
Dat ze heftig ontkent, maar intussen intens naar de vruchten kijkt;
ze haar arm uitsteekt en eens aan een vrucht voelt,
hem voorzichtig met haar vingertoppen betast,
‘m en tussen duim en wijsvinger neemt en…
hem dan geschrokken weer loslaat.

En jij zit er naar te kijken.
Je ziet haar wel, en ook de man die even achter haar aankomt.
Maar zij ziet jou niet, want jij staat achter een boom.
En je ziet hoe zij opnieuw haar arm uitstrekt richting de vrucht en…

Stel je het voor, kun je je stil houden?
Of schreeuw je dan vol overgave:
“Doet het niet’, alsjeblieft doe het niet, Eva.”
‘Die slang bedriegt je.”
Je wordt er ingeluisd.”
Zou je je mond kunnen houden?

Maar dat zelfs al schreeuwde je,
de vrouw je niet hoort
En opnieuw toch een vrucht plukt en ervan eet.
Ervan deelt met de man die vlak achter haar aankomt.
En dat jij die inmiddels begrijpt wat er van kwam,
opnieuw de ellende voor je ogen ziet gebeuren.

En je vraagt je af:
Zouden we nu nooit opnieuw kunnen beginnen?

Geplaatst in Preken | Getagged , , , | Een reactie plaatsen

Zaaigoed!

‘Zaai goed!’ Wat betekent dat? Kun je ook verkeerd zaaien dan?
Of gaat het helemaal niet over het zaaien maar over het zaad?
Dat noemen we ook wel ‘zaaigoed’, maar wat is dat zaad dan?
Of gaat het over ‘wat’ je zaait? Zaai ‘goed!’. Maar wat is dát dan?

Wij, de mensen, komen oorspronkelijk uit de ‘Hof van Eden’.
Dat was een paradijselijk park waar de mensen samen met de dieren woonde.
Een plek waar het goed was en waar de Heer God wandelde.
De hele schepping was daar nog samen.
Nadat er wantrouwen gezaaid was, viel die hele mooie Hof van Eden uit elkaar. Mensen en dieren, mensen en God en ook mensen onderling geloofden niet meer in elkaar. Mensen leven voortaan buiten de Hof op een aarde die niet meer zo vruchtbaar is en waar mensen het moeilijk hebben.
Soms is hun wereld een regelrechte woestijn, waar ze maar moeten zien te overleven.

Maar de Heer God geeft het niet op. De mensen niet, de Hof niet, zijn schepping niet. De zaaier van het wantrouwen zal het niet winnen, begrijpen we al heel snel van God (Gen. 3). En de woestijn zal weer bloeien en vruchtbaar zijn, vertelt ons de profeet Jesaja (35).
En uiteindelijk zullen de mensen weer samen wonen, ook samen met God, planten en dieren in een nieuw paradijselijk park: ‘Het Koninkrijk van God’, het hemelse Jeruzalem, de nieuwe hemel en de nieuwe aarde (Openb. 22).

Maar voor die Hof moet er eerst wel opnieuw ingezaaid worden, begrijpen van de Heer Jezus in Johannes 12. Hij noemt het voorbeeld van een graankorrel, die eerst gezaaid moeten (en dus sterven moet) voordat Hij vrucht kan dragen. Jezus zegt dat niet alleen Hij zijn leven moeten zaaien, maar dat ook zijn volgelingen dat moeten doen.
Wat er dan aan planten opkomt en vrucht draagt zal uiteindelijk het nieuwe paradijs gaan vormen.

Wat bedoelt de Heer Jezus? Kun je je eigen leven zaaien?
En wat zaai je dan precies van jezelf?
Die vragen staan zondag in het spotlicht.
Wat neem jij als zaaigoed mee naar de kerk, zondag?

Geplaatst in Preken | Getagged , , , , | Een reactie plaatsen

Terug naar het verloren paradijs (Gen 2/3)

Waarom zo’n grote mond naties?
Waarom zulke sluwe plannen mensen?
Wereldleiders verdringen elkaar om de eerste plaats te bereiken.
Demagogen en afgezanten ontmoeten elkaar op topoverleggen:
“Laten we ons ontdoen van God,
en zijn plaats voor onszelf opeisen.

(vrij naar psalm 2)

De Duitse theoloog en verzetsstrijder Dietrich Bonhoeffer schreef ooit eens:
“In tijden van oorlog worden de werkelijke duivels en de werkelijke heiligen beter zichtbaar.”
Het compromis is ergens verloren gegaan, en iedereen moet nu kiezen waar te staan.
Waar je je in vredestijd nog op de vlakte kunt houden, is dat nu niet meer mogelijk.
Ik denk dat hij daar gelijk in had, maar ook dat er in dit soort tijden toch een grijze middenmoot overblijft. Ze zullen zich zo lang als ze kunnen buiten de partijen houden en leven alsof er niets aan te hand is.
Ze lijken het niet te merken dat er voor sommige medelanders nieuwe regels gaan gelden en denken er maar niet aan wat er gebeurt kan zijn met de mensen die plotseling uit beeld verdwenen zijn.
Achteraf zeggen ze dan: ‘we hadden geen idee!’

Op de tweede zondag in de lijdensstijd beginnen we in het paradijs.
Wat in onze bijbel ‘de Hof van Eden’ heet.
Een mooi, omheind, park, waar alles in harmonie leeft.
Er zijn geen kanten die je kunt kiezen, er is maar één kant: de kant van God.
Het leven dat bij God begon, kent een vanzelfsprekende harmonie.

Die harmonie kennen we nu niet meer zo.
Lees Psalm 2, we kunnen die nu zo op onze wereld toepassen.
We leven duidelijk niet meer in de Hof van Eden.

Is er een weg terug?

Zondag verder.

Geplaatst in Preken | Getagged , , , , , | Een reactie plaatsen

Jom Kippoer (Jona 3 en 4)

Jom Kippoer?
Misschien vraag je je af, wat daarmee bedoeld wordt.
Je kent het misschien nog van de Jom Kippoer – oorlog in 1973.
Het was de feestdag waarop Israël bij verrassing werd aangevallen door Egypte en Syrie.
Maar het na een zware strijd toch wist te winnen.
De tijd van de eerste oliecrisis in Nederland en de autoloze zondagen.
Van die oorlog en die tijd weten we wel.
Tenminste mijn generatie…

Maar wat voor feestdag is Jom Kippoer nu eigenlijk?
In het Nederlands is dat Grote Verzoendag.
Een dag aan het begin van het Joodse jaar, die in het teken van de verzoening van de zonden staat.
Ooit, in de woestijn, een dag waarop het volk Israël zich met de Heer verzoende.
De dag waarop de zondenbok de woestijn ingestuurd werd.
En voor het hele volk verzoening gedaan werd door het bloed van de andere bok
uit te gieten over de deksel (ha-kipporèt) van de Ark van het Verbond.
En de hogepriester om die reden eens in het jaar naar binnen mocht in het Allerheiligste.

Verzoening, offer, zondenbok, bloed, wat heeft dat nu allemaal met Jona te maken?
Nou, tegenwoordig is de gewoonte om het hele boek Jona op de middag van deze feestdag te lezen.

Maar wat hebben die twee, Jona en Grote Verzoendag, nu met elkaar te maken?
Komende zondag houden we deze twee tegen elkaar aan.
We vragen ons af waarin het oordeel van mensen verschilt van dat van de Heer?

Tot zondag!

Geplaatst in Preken | Getagged , , , | Een reactie plaatsen

Naar Nineve?

De wreedheid van Moskou teistert onze wereld nu al decennia lang.
Dat schokt ons al jaren.
Niet alleen de directe slachtoffers, maar ook ons: de ongewilde toeschouwers.
Bommen op ziekenhuizen in Syrië.
Hulp aan een nietsontziende dictator.
En daarna -nu al jaren- bommen en raketten op Oekraïense steden.
Woonhuizen van burgers bestookt met drones en raketten.
Een markt met een fragmentatiebom.
Totaal verwoeste steden.
Onvoorstelbaar? Inmiddels niet meer, helaas!

We hebben het met eigen ogen kunnen zien.
De documentaire-reeks: Het nieuwe IJzeren Gordijn van de Belgische oorlogsverslaggever Rudi Vranckx brengt het allemaal nog dichterbij.
Niets- en niemand- ontziend geweld.
De beelden zijn in onze zielen ingebrand.
Het onrecht schreeuwt naar de hemel.
En dat alles wordt gerechtvaardigd met glasharde leugens.
Ons verlangen naar recht is groter dan ooit.
En dan hebben we nog niet eens gesproken over wat de eigen Russische militairen
te lijden hebben onder de vleesmolentactiek van hun legerleiding.
Duizend gewonden en doden per dag!
Hoelang kan dit nog doorgaan?

En dan sinds deze week twee sterke mannen, die de buit even gaan verdelen.
Zou het echt gebeuren? Gaat het onrecht winnen?
Met deze gedachte sta ik nu al een paar morgens op.
Het zal toch niet gebeuren dat wreed geweld loont.
En dat de sterke man uit Moskou onbestraft blijft.
Omdat hij hulp krijgt van de een andere ‘sterke man’ uit Washington?
Het heeft er alle schijn van.
De schrik slaat ons nu ook ons het hart.
Krijgt de Russische Federatie dan alle ruimte?

Dit is bijna niet te relativeren, maar toch…
Dit is niet nieuw! Het is al eerder gebeurd.
Niet alleen in de vorige eeuw onder leiding van de Führer, maar ook al vele eeuwen geleden.
Sterke mannen en wreed geweld zijn helaas al zo oud als onze wereld.
De wapens veranderen, maar de mentaliteit is dezelfde.
“Ik doe wat ik wil, omdat ik het kan!’
“Want ik ben de sterkste!”
Ninevé stond bekend asl ‘de bloedstad’.

een en al leugen,
vol oorlogsbuit,
het roven houdt niet op.

(…)

Vele doden,
massa’s lichamen,
ontelbaar veel lijken,

mensen struikelen erover.
(Nahum 3, 1 en 3)

De gruwelijke wreedheid van de Assyriërs,
het rijk waarvan Ninevé het regeringscentrum was,
was in die tijd berucht en onovertroffen.
Wreed, nietsontziend en vol van leugens.
Het lijkt erop dat we met een oude vijand te maken hebben,
als wreedheid goedgepraat met leugens zich nu opnieuw aan ons laten zien.

Jona weigert om naar Ninevé te reizen,
als hij die opdracht krijgt van de Heer.
Dat kunnen wij ons toch wel een beetje voorstellen.
Wie wil er met die bloedstad immers maar iets te maken hebben.

Wat is hier de boodschap?
Wil de Heer het met Ninevé op een akkoordje gooien?
Is dan alles te vergeven?

Deze zondag en de volgende meer over Jona en Ninevé.

Geplaatst in 1 Petrus 2, Preken | Getagged , | Een reactie plaatsen

Je wordt gemist! (Luc. 15 8-10)

Deze week ben ik bij ‘De Klokbeker’ op bezoek geweest.
Iets preciezer gezegd: bij de bovenbouw van deze school. Dat zijn maar liefst vier groepen: 7a en 7b, 8a en 8b. Ze zijn zo groot dat ze als bovenbouw hun eigen schoolgebouw hebben. Dat wist ik niet dus begon ik mijn bezoek bij het verkeerde schoolgebouw. Maar gelukkig kwam alles weer goed en staat het tweede gebouw niet zo heel veel verderop.
Zo was ik dus even verdwaald maar heb ik de goede weg gelukkig toch gevonden. Dat past heel goed bij het thema van het jaar 2025: ‘gevonden’.

We hebben het gehad over (verloren en) gevonden, het thema van de Kerk & Schooldiensten dit jaar. Wat kun je soms lang moeten zoeken om iets terug te vinden wat je kwijt bent.
Als je heel lang naar iets hebt gezocht geef je het soms maar op en koop je een nieuw. Dat overkwam mij deze week toen ik een pasje kwijtraakte en niet meer terug kon vinden. Uiteindelijk ben ik gestopt met zoeken en heb ik een nieuwe pas aangevraagd. Ik had gewoon de tijd niet meer om te blijven zoeken. Dat kostte me wel een bedrag, maar gelukkig kan ik nu weer vooruit.

Maar in deze verhalen gaat het over iemand die het zoeken nooit opgeeft en net zolang blijft zoeken totdat hij het vindt.
Je kunt deze verhalen, want het zijn gelijkenissen, in Lucas 15 lezen.
De mensen die in deze verhalen voorkomen stoppen niet met zoeken. Ze laten er desnoods een hele kudde schapen voor achter om één verloren gelopen schaap te vinden. Ze zoeken a.h.w. een muntje in een hooiberg en blijven maar wachten tot de jongste zoon eindelijk eens thuiskomt.

Is dat nu wel verstandig? Want als je maar blijft zoeken naar wat je verloren bent, wordt de kans steeds groter dat je de rest van je eigendom ook nog kwijtraakt. Gewoon omdat je daar niet op let omdat je zo druk met het zoeken bent.
Een wijs mens moet soms tegen zijn verlies kunnen. Stoppen met zoeken en het verlies dan maar nemen. Dan kun je weer verder met de rest van je leven.

Waarom blijven de personen in deze verhalen maar zoeken? Kunnen ze niet tegen hun verlies?

Zondag verder. We gaan het vooral over één van de gelijkenissen hebben. Die van een vrouw die één van haar tien muntjes kwijt is (vss. 8-10), En er dus nog negen over heeft. Dat is 90%, maar ze gaat voluit voor die 10%.

De bovenbouw van de Klokbeker komt niet alleen op bezoek, maar ze helpen ook mee in de dienst. Ik ben zo benieuwd.
Ook naar wat er in de schatkist zit. Zouden de kinderen van de bovenbouw de code kunnen kraken?

Tot zondag.

Geplaatst in Preken | Getagged , , , | Een reactie plaatsen

Beeld van God

Ex. 20, 4-5

Dit jaar bespreken ds. Paul Waterval en ik de Tien Geboden in een serie preken. Deze week in De Oever het Eerste Gebod en in De Petrakerk, het Tweede.

Geboden kunnen een code voor ons worden.
We kunnen ze bijna gedachteloos opzeggen; ze hebben een diep spoor uitgesleten in ons geheugen. En toch blijven ze soms ver van ons hart, omdat de woorden geen echte betekenis voor ons leven krijgen.

Zo kan het ook gaan met het Tweede Gebod. Op het eerste gehoor doen de woorden ervan denken aan een heel andere tijd. Aan toen er nog godenbeelden in de stad stonden en mensen thuis de kleinere versies daarvan hadden staan.
Daar kon je even rustig voor gaan zitten, een klein offer brengen en een kaarsje en wat wierook branden. En dan kon je er weer een dag tegenaan.

Redelijk onschuldig zo’n ritueel. Tegenwoordig zie je dit nog wel eens bij ‘spirituele’ mensen die een kaarsje branden voor een Boeddhabeeldje of wat dichter bij huis voor een Mariabeeld. Je doet er niemand kwaad mee.

Tenminste als je van een gesloten hemel uitgaat en mensen ondanks dat nu eenmaal ongeneeslijk religieus blijven.

Dat verandert allemaal als de hemel niet gesloten is en God getuige is van onze rituelen. Hij ziet hoe mensen -zijn mensen- druk zijn met hun rituelen die duidelijk niet over Hem gaan. Terwijl Hij zijn mensen tegen een geweldige prijs een enorm aanbod heeft gedaan: te worden bevrijd uit de leegte en opgenomen te worden in de gemeenschap met Hem, zijn Zoon en de Geest.
Maar mensen kiezen voor hun eigen ritueeltje en stellen zich tevreden met een vaag gevoel van geborgenheid. Als God een mens was dan zou Hij zich enorm gepasseerd voelen

Je zou zeggen gelovige christenen weten dit allemaal wel. Die maken sowieso geen beeld van God, al hebben ze misschien ook wel even stille tijd met God.

Toch hebben wij wel degelijk een beeld van God! We stellen ons iets bij Hem voor, dat gaat bijna niet anders. We zijn niet in staat een puur geestelijk wezen te dienen zonder ons daar een voorstelling bij te maken.
Onze voorstelling is een zelfgemaakt beeld van God. Niet van hout, steen of metaal maar van denkstof.
Zo’n beeld hébben we, dat gaat bijna niet anders. Maar het kan flink fout gaan met de voorstelling die we ons van God gemaakt hebben. Dat is sowieso lastig voor ons, maar dat wordt nog erger als we het denkmateriaal elders vandaan halen.

God waarschuwt ons voor die gedachtenoefening. En op slag worden die oude woorden actueel voor ons, christenen uit de 21e eeuw. Hoe voorkomen we dat ons beeld van God gaat afwijken van God zelf? Hoe vorm je je eigenlijk een betrouwbaar beeld van God?
Het begint allemaal bij het beeld van God dat je nu hebt.
Welk beeld heb je eigenlijk van Hem?

Nou ja genoeg om over na te denken, zondag verder.

Geplaatst in Preken | Getagged , , , | Een reactie plaatsen

‘Kom in het licht!’

Joh. 3, 12-21

Vanaf vandaag is de preekaankondiging van karakter veranderd.
Ze is niet alleen een bekendmaking van de tekst van de preek, van het thema en een eerste indruk.
Ze wil de lezers wat in handen geven om zich op de preek van de komende zondag voor te bereiden. Nog steeds kun je ontdekken wat de tekst is en wat het thema. Maar meer dan dat geef ik nu ook tips hoe men alvast op de preek van zondag kan aansturen.


Dit idee werd geboren tijdens een bespreking in de laatste bijeenkomst van het Geloofscafé toen één van de deelnemers opmerkte dat hij goed naar de preek van afgelopen zondag had kunnen luisteren omdat we het (tijdens een eerdere bijeenkomst) al over de tekst gehad hadden. Wat voor hem geldt, geldt voor ons allemaal verwacht ik. Vandaar de vernieuwde aankondiging.
Om het gedeelte in de nieuwsbrief niet te lang te maken, kun je doorklikken naar mijn prekenpagina. Dat doe je door op de bovenstaande foto te klikken.

Zondag is het thema ‘Kom in het licht’ vanuit de tekst Joh. 3, 12-21. Het is het vervolg op de tekst van vorige week en het meer algemene deel van het gesprek met Nicodemus.
Wie met de vraag is blijven zitten of hij (of zij) wel van boven geboren is (opnieuw geboren), krijgt hier een begin van een antwoord.
Een belangrijke vraag die al lang onder gereformeerden leeft is: ‘hoe zal ik door God geoordeeld worden?’ Die vraag heeft alles te maken met het ‘van boven geboren worden’ die hier eerder aan de orde kwam. Want wie mag zichzelf nu een wedergeborene noemen? ‘Wie zich -ook als hij het niet begrijpt- helemaal overgeeft aan de Heer, zijn vertrouwen in Hem stelt!’, was het antwoord dat ik daar vorige week op gaf. Gewoon doen!
Maar dit antwoord roept weer nieuwe vragen op. Waarom zou je je vertrouwen in Hem willen stellen?
Daarvoor moet dat verlangen toch al gewekt zijn in je hart. En dáárvoor moet je weer opnieuw (of van boven) geboren zijn.
Duizelt het al? Dit is de vraag naar de ‘Uitverkiezing’ waar veel van onze gereformeerde voorouders mee geworsteld hebben. Er zijn nog steeds gereformeerde stromingen waar deze vraag in het centrum van de geloofsbeleving zit. Er zijn vast ook gereformeerden bij wie bij vraag nog steeds leeft. Eigentijds uitgedrukt; ‘hoor ik er eigenlijk wel bij?’ ‘Zo ja, hoe weet ik dat dan?’
Komende zondag meer over de god die achter deze wedergeboorte schuilt. Wat voor god is Hij, welke beweegredenen heeft Hij en hoe zal Hij ons dan oordelen (en wanneer?).

Hoe hierop voor te bereiden?

  • Lees ter voorbereiding bijbelteksten waar over het oordeel gaat (in de onlinebijbel de zoekterm oorde* intoetsen en kijken welke teksten er voorbij komen).
  • Lees ter voorbereiding Open. 14, 1-13 en Joh 2, 23- 3, 21 (het hele gesprek met Nicodemus).
  • Vraag jezelf af of je wedergeboren bent. Waarom denk je dat?
  • Ben je bang voor Gods oordeel? Waarom?
  • Bid voor de dominee of hij als een door God gezondene mag (s)preken.
  • Bid voor jezelf en de rest van de gemeente of je (of zij) als door God geroepen mogen ontvangen en begrijpen.

Ik hoop jullie zondag te zien

Geplaatst in Preken | Getagged , , , , | Een reactie plaatsen

Amen! (Joh. 3)

Wie mag zich eigenlijk wedergeboren noemen?

“Ben jij wedergeboren?’
Deze vraag krijg je niet zo snel in ons land.
Maar in de Verenigde Staten is het een heel gewone vraag:
“Are you a Born Again Christian?”
Goed om die vraag ook eens in ons vlakke land te stellen.

Ben jij wedergeboren?
Als je die vraag zou krijgen, wat zou je antwoord daar dan op zijn?

Tja, wanneer ben je eigenlijk wedergeboren?
Ben je dat als je vriendelijk tegenover Jezus staat?
Immers, “wie niet tegen ons is, is voor ons’, zegt Jezus.

Of ben je dat als je gepokt en gemazeld bent in de christelijk leer.
Je kent de bijbel van voor naar achteren en terug.
De bijbelse leer heeft maar weinig geheimen voor je.
En je begrijpt helemaal waarom de Heer Jezus gekomen is.
Je zou Hem direct herkennen als je Hem tegen zou komen.
Want jij kent je bijbel!

Of is toch nog weer anders?

De hooggeleerde Nicodemus krijgt les van Jezus.
Moet de Heer hem nog iets leren dan?
Zondag verder…

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen