Ex. 20, 4-5

Dit jaar bespreken ds. Paul Waterval en ik de Tien Geboden in een serie preken. Deze week in De Oever het Eerste Gebod en in De Petrakerk, het Tweede.
Geboden kunnen een code voor ons worden.
We kunnen ze bijna gedachteloos opzeggen; ze hebben een diep spoor uitgesleten in ons geheugen. En toch blijven ze soms ver van ons hart, omdat de woorden geen echte betekenis voor ons leven krijgen.
Zo kan het ook gaan met het Tweede Gebod. Op het eerste gehoor doen de woorden ervan denken aan een heel andere tijd. Aan toen er nog godenbeelden in de stad stonden en mensen thuis de kleinere versies daarvan hadden staan.
Daar kon je even rustig voor gaan zitten, een klein offer brengen en een kaarsje en wat wierook branden. En dan kon je er weer een dag tegenaan.
Redelijk onschuldig zo’n ritueel. Tegenwoordig zie je dit nog wel eens bij ‘spirituele’ mensen die een kaarsje branden voor een Boeddhabeeldje of wat dichter bij huis voor een Mariabeeld. Je doet er niemand kwaad mee.
Tenminste als je van een gesloten hemel uitgaat en mensen ondanks dat nu eenmaal ongeneeslijk religieus blijven.
Dat verandert allemaal als de hemel niet gesloten is en God getuige is van onze rituelen. Hij ziet hoe mensen -zijn mensen- druk zijn met hun rituelen die duidelijk niet over Hem gaan. Terwijl Hij zijn mensen tegen een geweldige prijs een enorm aanbod heeft gedaan: te worden bevrijd uit de leegte en opgenomen te worden in de gemeenschap met Hem, zijn Zoon en de Geest.
Maar mensen kiezen voor hun eigen ritueeltje en stellen zich tevreden met een vaag gevoel van geborgenheid. Als God een mens was dan zou Hij zich enorm gepasseerd voelen
Je zou zeggen gelovige christenen weten dit allemaal wel. Die maken sowieso geen beeld van God, al hebben ze misschien ook wel even stille tijd met God.
Toch hebben wij wel degelijk een beeld van God! We stellen ons iets bij Hem voor, dat gaat bijna niet anders. We zijn niet in staat een puur geestelijk wezen te dienen zonder ons daar een voorstelling bij te maken.
Onze voorstelling is een zelfgemaakt beeld van God. Niet van hout, steen of metaal maar van denkstof.
Zo’n beeld hébben we, dat gaat bijna niet anders. Maar het kan flink fout gaan met de voorstelling die we ons van God gemaakt hebben. Dat is sowieso lastig voor ons, maar dat wordt nog erger als we het denkmateriaal elders vandaan halen.
God waarschuwt ons voor die gedachtenoefening. En op slag worden die oude woorden actueel voor ons, christenen uit de 21e eeuw. Hoe voorkomen we dat ons beeld van God gaat afwijken van God zelf? Hoe vorm je je eigenlijk een betrouwbaar beeld van God?
Het begint allemaal bij het beeld van God dat je nu hebt.
Welk beeld heb je eigenlijk van Hem?
Nou ja genoeg om over na te denken, zondag verder.