Vrede uit Jeruzalem (Jesaja 2)

Ik heb altijd een bijzondere band met het volk Israël gehad.
Bijbelverhalen die ik van kinds af aan ken, speelden zich in hun midden af.
Onze Verlosser komt uit hen voort.
Ontroerd was ik toen in 1998 voor het eerst het land met eigen ogen zag;
de woonplaatsen uit de verhalen op de borden zag staan en over het meer van Galilea naar de overkant keek.

De afschuwelijk moord op de meer dan 100.000 Joodse Nederlanders roept in mij schaamte naar boven. Hadden ‘wij’ niet veel meer moeten doen, moeten durven? Voor de generatie van na de oorlog is het gemakkelijk praten, besef ik.

Een bezoek aan het land Israël – ik ben er vier keer geweest- heeft ook altijd iets dubbels: naast de ontroering is er de vervreemding.
De ‘Heilige Plaatsen’ en het “Heilige Land’ zijn een trekpleister voor pelgrims, waaraan men zoveel mogelijk geld probeert te verdienen. Heilige plaatsen worden er te gelde gemaakt. Voor veel Israëli’s en Arabieren ben je een wandelende portefeuille waaraan men flink kan verdienen. Soms wordt je die jacht op je geld zat.

Bij de laatste bezoeken viel het me op hoe negatief onze Israëlische gids – een oud-tankcommandant- over de Palestijnen en Arabieren sprak. Hij noemde ze bijna allemaa:l ’terroristen’ en had geen enkele waardering voor hen. Des te meer voor ‘Bibi Netanyahu’.
Een beetje voorstelbaar is het wel: via hem zagen we de plaatsen en ontmoetten we mensen die onder aanslagen hadden geleden.
Maar toch, zijn afkeer riep bij ons toch een gevoel van vervreemding op, vooral omdat hij zo generaliseerde.
Met dezelfde vervreemding keek ik naar nieuwsvideo’s waarin aanslagplegers in Jeruzalem die al uitgeschakeld waren, voor het oog van de camera’s bijna achteloos werden geëxecuteerd met een genadeschot. Het deed me aan de beelden uit Schindlers List denken.

Maar naast de vervreemding bleef ik altijd de verwantschap voelen.
De laatste jaren sijpelden er langzamerhand andere verhalen en gevoelens in deze relatie naar binnen.
Een gesprek in 2012 in Bethlehem (Palestijns gebied) met het zicht op een nieuwe kolonistenwijk omringd door hekken en bewakingstorens. De Palestijnse gids geeft me, als ik het hem vraag, geen commentaar, maar haalt met een veelzeggend gebaar zijn schouders op.
Scherpe vragen van Palestijnse christenen die lijden onder de muur die dwars over hun land gebouwd is en zich afvragen waarom zij zo weinig steun krijgen van hun broeders en zusters in Christus in het Westen. Zijn zij dan niet Gods volk?

De laatste anderhalf jaar is mijn band met Israël veranderd. Met verbijstering heb ik gekeken naar de slachting onder Joodse burgers op 7 oktober. Maar met nog grotere aan afschuw grenzende verbijstering zie ik nu al maanden lang de afschuwelijke en nietsontziende reactie van politiek en leger op die aanslag.
Het lijkt een moordpartij waarin men iedere controle over zichzelf is kwijtgeraakt. Zoveel doden. De bijna verhongerde Palestijnse baby’s met hun magere, knokige, armpjes en beentjes grijnzen me aan vanaf het beeldscherm.

Met even veel verbazing zie ik hoe Israëls achterban onder de christenen in partijen die fel tegen over elkaar staan verdeeld raken. De liefde voor Israël onder gelovige christenen heeft altijd al verschillende vormen aangenomen, maar nu staan groepen christenen lijnrecht tegenover elkaar.
Ik voel me nog steeds verwant met het Joodse volk, maar de laatste twee jaar lijd ik onder die relatie. Het is niet om aan te zien hoe de nakomelingen van het oude volk geweld gebruiken tegen de volken om hen heen en hen in de armen jagen van organisaties als Hamas en Hezbollah, omdat ze geen onderscheid meer maken. Juist zíj geen onderscheid meer maken.

Zondag gaan we het hebben over Jesaja 2, waarin de naties van de wereld optrekken naar Jeruzalem om er een voorbeeld te nemen aan de HEER.
Om er vrede te vinden.
Ik vraag me af hoe Arabische christenen deze tekst nu lezen.
‘Vrede uit Jeruzalem’ lijkt me voor hen nu eerder een vraag dan een belofte.

Zondag verder…

Over Wieb Dijksterhuis

Predikant met Groningse wortels die sinds 2000 in het midden van land woont, samen met zijn vrouw. Hun vier kinderen wonen inmiddels tussen Ermelo en Hasselt (BE). Van 2006-2016 predikant in NGK de Ontmoeting (Voorthuizen-Barneveld). Vanaf 31 januari 2016 de voorganger van de NGK van Ermelo, een warme gemeente tussen de randmeren en de Veluwse bossen. Zijn roots blijven hoorbaar en merkbaar. Hij kan het niet helpen de wereld 'toch' vanuit een Gronings standpunt te blijven bezien.
Dit bericht is geplaatst in Preken met de tags , , . Bookmark de permalink.

2 reacties op Vrede uit Jeruzalem (Jesaja 2)

  1. M.R Langveld schreef:

    Het is niet om aan te zien hoe de nakomelingen van het oude volk geweld gebruiken tegen de volken om hen heen en hen in de armen jagen van organisaties als Hamas en Hezbollah, omdat ze geen onderscheid meer maken. Juist zíj geen onderscheid meer maken.

    Beste Wieb,
    dit is een citaat uit hetgeen je hebt geschreven aan lezers van het NGK nieuws.
    Ik las en herlees het met groeiend ongeloof. Ongeloof ten aanzien van deze,
    in mijn ogen, grote omkering van waarheid en werkelijkheid!

    Ik hoop dat er in de eredienst gebeden gaat worden voor de vrede van Jeruzalem.
    En de zegen over dit “oude volk” zal worden uitgesproken.
    Zodat ook wij, gelovigen uit de volkeren, in vrede en zegen zullen leven.
    Mathilde

    • Dag Mathilde, we kijken hier heel verschillend tegenaan, daarom wordt het ook tijd voor ons interview. Dan kunnen we elkaar persoonlijk toelichten hoe we tot deze oordelen komen ‘geweld gebruiken tegen de volken om hen heen’ van mij en ‘grote omkering van de waarheid’ van jou.

      Zeker bidden we voor de vrede van Jeruzalem.

      Ik wens je een goede zondag,

      Zegen en groet,

      Wieb

Geef een reactie