Wij belijden…

Mijn geloofsbelijdenis was een indrukwekkend gebeuren.
Dat zat ‘m niet zo zeer in de tekst (die weet ik niet meer), 
de muziek (dat weet ik ook niet meer),
of het ritueel (ik hoefde alleen maar te gaan staan en ‘ja’ te zeggen).
Het was eerder het contrast met de andere diensten:
ik zat vooraan in de kerk, terwijl ik anders helemaal achteraan zat;
ik moest iets doen, terwijl ik anders nooit iets hoefde te doen
en ik had voor die gelegenheid nieuwe kleren aan.
En dan was dit natuurlijk ook het eindpunt van een lang proces naar die belijdenis toe:
ik had er lang over nagedacht en zelfs uitstel gevraagd om daar meer tijd voor te hebben. Dat uitstel had al met al twee jaar geduurd (bij ons deed je nl. rond je 18e belijdenis).
Ook aan de reactie van de andere gemeenteleden merkte ik het belang dat het in hun ogen had. Veel wensen en ook aansporingen werden bij mijn belijdenis aan me meegegeven. Het voelde alsof ik tot andere groep gelovigen in onze gemeente (en daarbuiten) was toegetreden.

Dit is een enorm contrast met een belijdenis tegenwoordig met getuigenissen, eigen liederen en misschien zelfs een zelf uitgezochte tekst, maar het was voor ons even bijzonder. Wij leefden gewoon in een andere kerkelijke werkelijkheid.

En toch herinner ik me het ook als een hoogtepunt vanwaar ik even de toekomst inkeek. En wat ik in de verte niet goed kon onderscheiden, fantaseerde ik er wel bij; dromen zat.
Maar net als je trouwdag de eerste dag van een heel huwelijk is (als je dat gegeven is); is je belijdenis de eerste dag van een nieuw gedeelte op de route van je geloofsleven.
En dat geloofsleven is een hele geloofsweg die ook weer dalen en pieken kent.

Het is werkelijk een geloofsreis: je verandert zelf immers door je ervaringen en met het verstrijken van de tijd. Maar ook de tijd verandert en met de tijd de wijze waarop je gelooft. Soms verander je bewust, maar vaker onbewust. Je denkt en doet gewoon niet meer zo als je eerder deed. Soms weet je niet eens goed waarom. Misschien is het vaak wel alleen dat de anderen het ook niet meer zo denken en doen.

Als je dan ineens gevraagd wordt je geloofsleven eens onder woorden te brengen, valt dat soms niet meer. Ja wát je gelooft kunnen we wel zeggen. Er zijn veel beproefde zinnen en wijsheden die je zo kunt aanhalen, maar hoe je gelooft, ja hoe je geloof je leven vormt en hoe je hoopt dat anderen dat aan je kunnen merken, waarom je de keuzen maakte die je gemaakt heb, kun je dat met je geloof in verband brengen?

Sommigen van onze medemensen kunnen hun levensmotto heel goed benoemen.
Ik wil voor mijn dertigste mijn schaapjes op het droge hebben’, zeiden sommigen van mijn maten in mijn diensttijd. Ik weet niet of het ze gelukt is, maar er stond hun wel een helder doel voor ogen.

‘Alt for Norge’ was het levensmotto van de pas overleden koning Harald van Noorwegen, ‘Alles voor Noorwegen’.

‘Je maintendrai’, ik zal volhouden was het levensmotto van Prins Willem van Oranje.

Wees de verandering die je wilt zien in de wereld, aldus Mohandas (Mahatma) Gandhi

Mijn vraag is: hebben wij ook zo’n levensmotto?
Zo een waarin ons geloof doorklinkt en dat toch voor andere mensen om ons heen herkenbaar is.
De apostel Paulus wist dat wel: ‘Ga de weg die past bij de roeping die je hebt ontvangen’, schrijft hij vanuit de gevangenis aan de gemeente van Efeze (4,1),
Wat die weg inhoud beschrijft hij voor de mensen in zijn tijd. Ik denk dat zijn uitleg ook voor ons van belang kan zijn.

Over Wieb Dijksterhuis

Predikant met Groningse wortels die sinds 2000 in het midden van land woont, samen met zijn vrouw. Hun vier kinderen wonen inmiddels tussen Ermelo en Hasselt (BE). Van 2006-2016 predikant in NGK de Ontmoeting (Voorthuizen-Barneveld). Vanaf 31 januari 2016 de voorganger van de NGK van Ermelo, een warme gemeente tussen de randmeren en de Veluwse bossen. Zijn roots blijven hoorbaar en merkbaar. Hij kan het niet helpen de wereld 'toch' vanuit een Gronings standpunt te blijven bezien.
Dit bericht is geplaatst in Preken met de tags , , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie